Het probleem is dat er geen breed gedeelde publieke ruimte en maatschappelijk middenveld meer is, de samenleving biedt zoals het liberalisme voorschrijft alle mogelijkheden om je aan enige vorm van groepsconformiteit geheel te onttrekken, zolang je maar binnen de grenzen van de wet beweegt. Of je eigen groep te starten buiten de samenleving. Dit zie je ook als klacht bij veel expats, de normen en waarden van Nederland bevinden zich veelal op privaat terrein, we zijn geen open land. Hoe moeten nieuwkomers de normen en waarden leren, dat is niet zomaar evident.
Je ziet op een zelfde manier dat het veranderde in Amerika, vroeger stond het staatsburgerschap bij naturalisatie centraal, met ook een nadruk en wens van mensen zelf om Amerikaan te worden. Echter, hoe groter de migranten gemeenschappen werden, hoe meer er een dynamiek plaats begon te vinden waarin eigen cultuur en taal de boventoon begonnen te krijgen, er zijn nu al hele latino gemeenschappen waarin de latino cultuur en Spaans als taal normaal zijn.
Je zou kunnen zeggen dat volgens liberale principes zolang iedereen zich aan de wet houdt het niet uitgemaakt hoe groepen zich organiseren met eigen taal, cultuur en normen en waarden, zolang iedereen zich maar aan de democratische rechtstaat houdt. Maar het probleem is dat politiek ook wordt gezien als het domein van taal, cultuur en normen en waarden, als de migranten groepen maar groot genoeg worden wordt potentiële invloed op dat vlak veel groter.
Democraten dachten bijvoorbeeld dat migranten zich automatisch zouden scharen achter sociaal liberale standpunten, maar veel latino's zijn conservatief als het gaat om sociaal kwesties zoals abortus, lhbti+ rechten en vrouwenrechten.
Het beeld dat migratie gekoppeld is aan automatisch proces naar meer diversiteit en onderlinge acceptatie op liberaal vlak is geen wetmatigheid. Dat is het vraagstuk dat waar het liberalisme geen antwoord op heeft.
En dat is ook waar radicaal-en extreemrechts succesvol op inspeelt, als het liberalisme al niet kan garanderen dat de eigen ideologie lijdend blijft voor de samenleving, wie garandeert dan dat als migranten gemeenschappen groot genoeg worden, ze de politiek gebruiken voor collectief beleid bepalen op basis van hun culturele normen en waarden.
Liberale politici hebben bovenstaande zorgen altijd weggewuifd als zijnde overbodig, het succes van de liberale samenleving was zo sterk dat de stroming altijd dominant zou blijven, zie
The End of History and the Last Man van Francis Fukuyama.
De vraag wordt te weinig gesteld als het model toch niet houdbaar blijkt, om wat voor een redenen dan ook, die analyse ontbreekt veelal maar is eigenlijk al urgent sinds we de combinatie liberale samenleving en migratie hebben als Nederland en het westen. Migratie is al meer dan 50 jaar een politiek item waar de kiezer ontevreden over is. dat zou juist volgens het liberalisme steeds minder moeten worden, het omgekeerde gebeurd.
Zie ook:
Migratieoplossingen – of anders radicaal-rechts aan de machtDe overlevingsstrijd van partijen en democratie is niet alleen zichtbaar in Frankrijk, maar ook – zij het in mindere mate – in Nederland. In ons land is al zeker dertig jaar een fors deel van het electoraat uiterst kritisch over immigratiebeleid. In 2002 mondde een verhit debat hierover uit in een verschuiving naar rechts. Wat leverde die verschuiving op? Verrechtsing op tal van terreinen, terwijl immigratiekwesties bleven liggen. Veel kiezers zullen denken: de bevolking is al die tijd toegenomen en neemt nog steeds toe, vooral door immigratie. Ze zien wellicht integratieproblemen en vreselijke beelden uit Ter Apel. Intussen vindt er geen serieus maatschappelijk debat plaats over richting of toekomstscenario’s. Met de regering die er nu zit, concluderen die kiezers, blijven we maar van crisis naar crisis struikelen.
De roep om strenge maatregelen is inmiddels oorverdovend. Acht op de tien kiezers willen de asielinstroom inperken en 49 procent vindt dit een van de belangrijkste thema’s. En het is overduidelijk: de PVV-zege ging grotendeels over immigratie. In een peiling is het onderwerp ‘asiel en migratie’ met afstand het meest genoemd als belangrijkste reden, door liefst 87 procent van de PVV-stemmers.
Natuurlijk, politici kunnen de kwestie voor zich uit blijven schuiven. Ze kunnen het vraagstuk negeren, zoals in de jaren 80. Ze kunnen uitdagers klein houden door hen te isoleren en te imiteren, zoals de VVD deed met Hans Janmaat in de jaren 90 en met Geert Wilders van 2012 tot afgelopen augustus. Maar als immigratiezorgen onvoldoende serieus worden genomen, trekken kiezers uiteindelijk de conclusie: tijd voor een andere partij. In bijvoorbeeld Italië en Zwitserland is een anti-immigratiepartij al de grootste op rechts.
Want wordt de kiezer op dit vlak niet tevredengesteld, zo beseffen die politici, dan worden ze weggestemd. De tijd dringt, hun achterban slinkt. Die achterban kiest steeds vaker voor anti-immigratiehaviken als Le Pen, Orbán of Trump. En het is maar de vraag hoe veilig de democratie in hun handen is.
De vraag is urgent, maar hier zie je ook een van de belangrijkste succesfactoren van radicaal-en extreemrechts, als ze het onderwerp eenmaal hebben omarmt als issue owner dan zetten andere partijen zich er meestal tegen af. Hierdoor verscherpt de kloof voor kiezer die het onderwerp belangrijk vinden, je ziet dan ook dat kiezers steeds minder terugkeren naar het midden.
En nog een probleem: dit probleem hoort traditioneel thuis bij partijen die een alternatief willen bieden voor het liberale samenlevingsmodel, partijen zoals het CDA, maar je ziet dat daar alleen 1 grote ideologische leegte als het gaat om werkbare concrete oplossingen. De partij verschilt weinig van de liberale even knie de VVD op veel vlakken.
"When I am weaker than you I ask you for freedom because that is according to your principles; when I am stronger than you I take away your freedom because that is according to my principles"- Frank Herbert