Reg. datum: 15 augustus 2004
Het zendersignaal wordt opgesplitst in digitale audiostroom, videostroom en een ondertiteling/teletekst-stroom. In de stromen zit een synchronisatie verwerkt, zodat achteraf gereconstrueerd kan worden welk stukje beeld, geluid en ondertiteling bij elkaar horen.quote:
Elke stroom is een stroom van bits die in stukjes wordt gehakt. Dat gebeurt voor alle zenders in een boeket tegelijk, een boeket bestaat dus uit een aantal in stukken gehakte stromen voor beeld, geluid, teletekst voor de zenders in het boeket, plus nog wat extra voor bijvoorbeeld de EPG. Deze blokjes stromen worden achter elkaar verzonden op één frequentie, dus als één bitstroom ('multiplex').
Je ontvanger ontvangt dus één bitstroom, moet daar de drie beeld-, geluid- en teletekst-stromen uitvissen van de zender die je wilt kijken, die stromen even bufferen en aan de hand van de synchronisatiesignalen in de stromen het beeld en geluid op het juiste moment vertonen.
Uit wat ik hier zo lees krijg ik de indruk dat er in de TF6000 bij de laatste stap iets fout gaat. Dat het bij sommige zenders meer opvalt dan bij andere zou kunnen komen doordat bij de minder drukke boeketten het beeld en geluid toevallig wat meer tegelijk worden uitgezonden, zodat de ontvangers minder hoeven te corrigeren.
