Toon posts:

Wat is nu toch de essentie van godsdienst

Pagina: 1 2 3 Laatste
Acties:
  • 599 views sinds 30-01-2008
  • Reageer

Verwijderd

Verwijderd schreef op 13 October 2003 @ 00:10:
Zou je een aantal teksten kunnen citeren uit Marcus, Matheus en Lucas waar het tegendeel verkondigd wordt.
wat dacht je van de volgende tekst:
Mattheus 15
24 Hij antwoordde: ‘Ik ben alleen naar de verloren
schapen van het volk Israël gestuurd.’
Dat laat er toch echt geen twijfel over bestaan dat Jezus alleen de joden wil bekeren, en we mogen toch aannemen dat er voor de schapen buiten Israël andere herders zijn. En dat waren niet de apostelen want in mattheus 19 zegt Jezus:
28 Jezus antwoordde: ‘Ik verzeker jullie: wanneer alles
vernieuwd wordt en de Mensenzoon in al zijn
majesteit op zijn troon zal zitten, zullen ook jullie
die mij gevolgd zijn, plaatsnemen op twaalf tronen
en rechtspreken over de twaalf stammen van
Israël.
Ook de 12 appostelen zijn alleen bedoeld voor Israel. één apostel voor elke stam.

De volgende tekst (laatste regels van Markus) is pas 300 jaar na Christus aan het evangelie van Markus toegevoegd en komt in de eerste geschriften niet voor:
19 Trek eropuit en maak alle volken tot mijn
leerlingen en doop ze in de naam van de Vader en
van de Zoon en van de heilige Geest.
Er is dus opzettelijk een tekst toegevoegd aan Markus die suggereert dat Jezus er na zijn dood anders over is gaan denken. En waarom? Omdat het christendom inmiddels een niet-joodse godsdienst is geworden. Israel is immers verwoest door de Romeinen en het joodse volk is vermoord en gedeporteerd.
Met de hoeksteen wordt Jezus zelf bedoeld. Hier zou je zelf achter gekomen zijn als je het hele hoofdstuk had gelezen, bijvoorbeeld de gelijkenis voor deze tekst. Verder wordt in het boek Efeze de link ook gelegd tussen de hoeksteen en Jezus.
Die uitleg ken ik. Zo staat het in het nog veel latere evangelie van Petrus, maar die uitleg rammelt aan alle kanten.
1 Petrus 2
4 Sluit u aan bij hem. Hij is de levende steen,
afgekeurd door de mensen, maar voor God zo
kostbaar dat hij hem uitkoos.
5 U moet zelf de levende stenen zijn waarmee de
geestelijke tempel wordt gebouwd. Vorm een
heilig priesterschap dat geestelijke offers brengt
die God aangenaam zijn door Jezus Christus.
6 Daarom staat er in de Schrift: Ik leg in Sion een
kostbare hoeksteen die ikzelf heb uitgekozen. Wie
in hem gelooft, wordt niet teleurgesteld!
7 Voor u, die gelooft, is hij waardevol. Maar voor
wie niet geloven geldt: De steen door de bouwers
afgekeurd, is de hoeksteen geworden,
8 een struikelblok, een steen waaraan men zich
stoot. Ze struikelen door de boodschap niet te
aanvaarden. Dat is hun lot.
Dit is duidelijk een verdraaiing van Matheus. Want daar spreekt Jezus niet tot de mensen maar de Farizeeën en opperpriesters.
Matteüs 21
42 Jezus vroeg hun: ‘Hebt u nooit deze woorden uit
de Schrift gelezen? De steen door de bouwers
afgekeurd, is de hoeksteen geworden. Zo gaat de
Heer te werk, het is voor ons niet te begrijpen!
43 Daarom zeg ik u: het koninkrijk van God zal u
worden afgenomen en zal worden gegeven aan
een volk dat de vruchten ervan opbrengt.
Is Jezus hier het volk dat de vruchten opbrengt? Natuurlijk niet, dat zijn de mensen die het goede nastreven. Wie zijn de bouwers van het geloof? Dat zijn de Farizeeen, de wetsgeleerden. Wie keuren zij af? De mensen die zich niet aan hun wetten houden. Maar voor Jezus zijn deze mensen wel waardevol. Hij kijkt in het hart van de mensen. Hij heeft niets op met de wetten van de mensen, alleen met God's wetten.

Petrus is een grapjas. Hij maakt van de hoeksteen, waarmee bedoeld wordt: een heel belangrijke steen, tegelijkertijd een steen des aanstoots. Maar de boodschap is ook hier weer: als je niet in Jezus gelooft komt je niet in de hemel, eigen schuld. Ook hier zie je weer: Waar Jezus in de eerdere canonische evangeliën de opperpriesters aanvalt, worden die in de latere evangeliën vervangen door de joden en ongelovigen, die Jezus niet willen aannemen.

Dat is ook heel begrijpelijk. De apostelen probeerden mensen te bekeren tot het Christendom, maar Christenen werden zwaar vervolgd. Als je in die situatie geen Christen hoeft te zijn om in de hemel te komen, dan ga je je echt niet aan vervolgingen blootstellen. Jezus gaat in zijn parabels fel te keer tegen de wetgeleerden en stelt voortdurend dat je je niet aan de strenge wetten hoeft te houden om in de hemel te komen, hij stelt de hemel voor iedereen open. Daarom probeert men in later evangelies deze parabels een andere uitleg te geven. Laten we het maar een leugentje om bestwil noemen. Men wilde dit mooie geloof verbreiden, maar met had iets nodig dat de mensen over de streep trekt. Dat is de belofte van de hemel, maar alleen als je Jezus aanvaardt.
Deze gelijkenis maakt duidelijk dat:

1. Mensen die drukker met de wereld zijn dan met deze zaken zullen er niet komen. De genodigden waren drukker met de wereld en werden gestraft om hun daden. Met de genodigden worden in dit voorbeeld trouwens de Joden bedoeld.
2. De mensen die binnenkomen krijgen een nieuw wit kleed. Dit geeft de vergeving van de zonden dus aan. Die zonden worden hun niet vergeven omdat ze zo goeie daden(zie vers 10 ">>slechte<< en goede.") hebben gedaan, maar omdat Jezus voor hun gestorven is.

Deze gelijkenis heeft dus niks te maken met het lidmaatschap van een of andere kerk.
Jij negeert tegen wie Christus dit zegt. Namelijk zijn aartsvijanden, de Farizeeën, dat zijn priesters, wetsgeleerden. Hij geeft hier geen godsdienstles, maar houdt hun een spiegel voor, zoals hij dat voortdurend tegen hen doet. Zij zijn de genodigden die niet uitverkoren zijn. De Farizeeën zijn de gelovigen van het type fundamentalist zoals je die vandaag nog steeds veel aantreft. Ze nemen elk woord in de schrift letterlijk.

Hier worden beslist niet de Joden bedoelt want vlak ervoor staat:
Matteüs 21 45 Toen de opperpriesters en de Farizeeën zijn
gelijkenissen gehoord hadden, begrepen ze dat hij
het over hen had.
Matteüs 22 1 Opnieuw richtte Jezus zich tot hen met
gelijkenissen.
De joden overal de schuld van geven doet het evangelie van Johannes. Maar Jezus was een jood, zijn apostelen waren joods, zijn volgelingen waren joods. Jezus predikte alleen maar voor de joden. Ook Paulus predikte in het begin vooral voor de joden. Lees romeinen 1:
16 Ik schaam mij niet voor het evangelie. Het is een
machtig middel waarmee God iedereen redt die
gelooft, allereerst de Joden, maar ook de niet-Joden..
Als de Joden niet willen overgaan naar het Christendom verandert dat. Lees Kolossenzen 1
27 Aan hen heeft God bekend willen maken hoe rijk
en heerlijk dit geheim is dat onder de niet-Joden
wordt verspreid en dat luidt: Christus woont in u;
hij is uw hoop op de eeuwige heerlijkheid.
Hoezo krijgen ze een wit kleed, dat staat er helemaal niet in.
Dit stukje sluit gewoon goed aan bij de rest van de bijbel. Jezus zegt met andere woorden: "als ik naar jullie gedrag kijk dan zou ik zeggen dat jullie kinderen van de duivel zijn.". Probeer met deze zin in je achterhoofd het hele hoofdstuk nog eens aandachtig door te lezen.
Leuk geprobeerd maar iedereen kan zelf lezen dat hier veel sterkere woorden staan zonder als. Het stukje sluit vooral goed aan bij de voortdurende aanklacht die Johannes tegen de joden aanheft. Met de andere canonische evangeliën heeft het niets te maken.

Nergens in bijv. Matheus wordt er negatief over de joden gesproken. Het zijn de opperpriesters die overal de schuld van krijgen, ook dat zij de menigte hebben opgehitst om Jezus ter dood te laten veroordelen.

In het hele evangelie van Matheus komt het woord joden maar 7 keer voor en nooit in negatieve zin. In het evangelie van Johannes komt het woord joden bijna 50 keer voor en van af het eerste begin in negatieve zin. Overal waar bij matheus en Markus: Farizeeën staat of opperpriesters is dit bij Johannes vervangen door Joden.
Die dik gedrukte zinnen moet je natuurlijk niet uit de context rukken en verder moet je natuurlijk ook de tekst "Ik ben de weg, de waarheid en het leven,’
antwoordde Jezus. ‘Iemand kan alleen naar de Vader gaan via mij." in je achterhoofd houden.
6 ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven,’
antwoordde Jezus. ‘Iemand kan alleen naar de
Vader gaan via mij.


Dat is nou weer typisch een zin van: ra ra wie? inderdaad Johannes.

In Johannes staat bijna voortdurend: dit is de waarheid, jullie moeten mij geloven. Het is soms bijna pathetisch. Wie spreekt er zo? Mensen die bang zijn niet geloofd te worden (en dat zijn vaak mensen die de waarheid ook niet spreken). In de andere canonische evangelies heeft Christus die onzekerheid helemaal niet. Hij is zelfverzekerd en de mensen geloven hem.

Daar verkondigt hij ook niet dat hij God is, maar in Johannes wel en kennelijk voelt Johannes zelf al aan dat dit nauwelijks te verkopen is en daarom slooft hij zich zo uit te vertellen dat het waarheid is. Hier treedt de fundamentele verandering in het Christendom op. Waren voorheen de christenen nog joden, hier begint de scheuring. Veel joden willen hun God niet opgeven voor Christus en daarom moeten ze het ontgelden. Dat geeft de kerk meteen de gelegenheid om te verklaren dat de joden niet langer het uitverkoren volk van God zijn, maar dat dit nu overgegaan is op de christenen, want de joden hebben God vermoord. Op dit moment begint 2000 jaar antisemitisme. Voor de christenen werden de joden een bron van frustratie. Zij gaven vaak een andere uitleg aan het oude testament, maar zij waren de oorspronkelijke eigenaars. Dat zij in Christus weigerden God te zien en zelfs geen Messias was een doorn in het oog.
Het is natuurlijk waar dat wij niet moeten oordelen wie of wie niet in de hemel komen, maar we kunnen wel zeggen of de weg die iemand volgt juist of onjuist is aan de hand van de bijbel.
Dat heet predestinatie en dat heeft Calvijn bedacht, mede op basis van Paulus, om toch te kunnen zeggen dat iemand naar de hel gaat en daar wordt ook druk gebruik van gemaakt. Dat staat weer haaks op de leer van Christus, want die stelt heel duidelijk:
Matteüs 7
1 ‘Oordeel niet over anderen; dan zal God niet
oordelen over u.
In de oudste evangelien van Markus, Matheus en Lucas vind je de woorden van Christus. In de latere evangelieen vind je de woorden van volgelingen, die het inmiddels niet joodse geloof hebben aangepast om te midden van vervolgingen het hoofd boven water te houden. Na 2000 jaar moeten we daar eens door heen leren zien en het geloof ook met verstand benaderen, dan ontmoet je een andere Christus en die is zeker niet de mindere.

[ Voor 33% gewijzigd door Verwijderd op 13-10-2003 16:56 ]


  • [Jules]
  • Registratie: Maart 2000
  • Laatst online: 06-01 16:49

[Jules]

Confusion in confusion

Wie gelooft er vandaag de dag nog in Mithras? Toch een van de voorlopers van het Christendom.
Het verhaal van Jezus lijkt behoorlijk veel op het verhaal van Mithras... en die laatste was er eerder.. Christmas Mythology en Mithraism
Zulke dingen doet mij twijfelen aan de oprechtheid van het Christendom. Het komt zo over als een mengelmoes van eerdere religies of cults. Uiteindelijk misschien puur toeval dat het Christendom is blijven bestaan... of is opgedrongen vanuit Rome, een middel om het volk bijeen te houden:
"As the final pagan religion of the Roman Empire, Mithraism paved a smooth path for Christianity by transferring the better elements of paganism to this new religion. After Constantine, Emperor from 306-337 A.D., converted on the eve of a battle in 312, Christianity was made the state religion. All emperors following Constantine were openly hostile towards Mithraism. The religion was persecuted on the grounds that it was the religion of Persians, the arch-enemies of the Romans."

Met name die laatste link is interessant om door te lezen.

Kan iemand hier iets meer over vertellen?

Knowing others is to be clever.
Knowing yourself is to be enlightened.
Overcoming others requires force.
Overcoming yourself requires strength.


Verwijderd

Jezus alleen voor de Joden
Wat dacht je van de volgende tekst

Mattheus 15
24 Hij antwoordde: ‘Ik ben alleen naar de verloren
schapen van het volk Israël gestuurd.’

Dat laat er toch echt geen twijfel over bestaan dat Jezus alleen de joden wil bekeren, en we mogen toch aannemen dat er voor de schapen buiten Israël andere herders zijn.
Mijn vraag was of je aantal teksten kon citeren uit Markus, Mattheus en Lukas waar het tegendeel verkondigd werd over dat Jezus de enige weg is tot de Vader(God). In plaats van het tegendeel te bewijzen kom je nu met een tekst aanzetten waarin duidelijk wordt gemaakt dat Jezus alleen gestuurd is naar de verloren schapen van het volk Israël. Je concludeert uit deze tekst dat Jezus alleen Joden wil bekeren wat natuurlijk onjuist is. Jezus, zegt in deze tekst eigenlijk ik ben alleen gestuurd naar het volk Israël om daar te prediken en te genezen. Met andere woorden de tijd om het evangelie aan de heidenen te verkondigen is nog niet gekomen. (zie ook commentaar) Maar om terug te komen op de tekst(Jezus de enige weg naar God) uit Johannes. Johannes doelt met deze tekst op het zaligmakende werk van Jezus aan het kruis waar Jezus voor onze zonden heeft geleden en dat alleen onze zonden vergeven kunnen worden door het geloven in Jezus. Johannes heeft het hier dus niet over de prediking van Jezus.

Commentaar Mattheus 15:24
Christus’ antwoord aan de discipelen stelde hare verwachting te leur. Ik ben niet gezonden, dan tot de verlorene schapen van het huis Israels, Gij weet dit; zij behoort daar niet toe, en zoudt gij dan willen, dat Ik buiten Mijne opdracht handel! Dat dringend, lastig aanhouden zal zelden de wel overwogen redenen van een verstandig mens overwinnen, en weigeringen, die door zulke redenen ondersteund worden, brengen het lastige vragen tot zwijgen. Niet slechts antwoord Hij haar niet, maar Hij voert redenen aan tegen haar, en sluit haar den mond door ene reden. Het is waar: zij is een verloren schaap, en zij heeft evenveel behoefte aan Zijne zorge, als ieder ander, maar zij is niet van het huis Israels, tot hetwelk Hij het eerst was gezonden, Hand 3:26, en heeft er dus niet direct deel aan, en heeft er geen recht op. Hij was een dienaar der belijdenis, Rom 15:8, en hoewel Hij bestemd was een Licht te zijn tot verlichting der Heidenen, was toch de volheid des tijds hiertoe nog niet gekomen, de voorhang was nog niet gescheurd, en de middelmuur des afscheidsels nog niet gebroken. Christus’ persoonlijke bediening was: de heerlijkheid te zijn van Zijn volk Israël.
Handelingen 3:26 God, opgewekt hebbende Zijn Kind Jezus, heeft Denzelven eerst tot u gezonden, dat Hij ulieden zegenen zou, daarin dat Hij een iegelijk van u afkere van uw boosheden.
En dat waren niet de apostelen want in mattheus 19 zegt Jezus:

28 Jezus antwoordde: ‘Ik verzeker jullie: wanneer alles
vernieuwd wordt en de Mensenzoon in al zijn
majesteit op zijn troon zal zitten, zullen ook jullie
die mij gevolgd zijn, plaatsnemen op twaalf tronen
en rechtspreken over de twaalf stammen van
Israël.

Ook de 12 apostelen zijn alleen bedoeld voor Israël. één apostel voor elke stam.
Deze tekst geeft totaal geen aanleiding om te geloven dat de apostelen alleen gezonden zijn tot Israël. Het gaat in deze tekst om de eer die de apostelen zullen verkrijgen in de hemel. Als ik jou was had ik de onderstaande tekst gebruikt, ook al ondersteund het commentaar je conclusie niet.
Mattheüs 10:5 Deze twaalf heeft Jezus uitgezonden, en hun bevel gegeven, zeggende: Gij zult niet heengaan op den weg der heidenen, en gij zult niet ingaan in enige stad der Samaritanen.
In deze tekst krijgen de apostelen de opdracht om het evangelie alleen aan de joden te brengen, omdat de tijd voor de heidenen nog niet aangebroken is. Dit wordt allemaal verduidelijkt in het commentaar over dit tekstgedeelte hieronder.

Commentaar Mattheüs 10:5
Het volk, tot hetwelk zij gezonden werden. Aan deze gezanten worden de plaatsen aangewezen, waarheen zij zich moeten begeven. Niet tot de Heidenen, noch tot de Samaritanen. Zij moeten niet gaan "op den weg der Heidenen," noch op enigerlei weg buiten het land Israels, hoezeer zij daartoe ook in verzoeking mochten komen. Het Evangelie moet den Heidenen niet gebracht worden, voordat de Joden geweigerd hebben het aan te nemen. Wat de Samaritanen betreft, die de nakomelingen waren van het gemengde volk, dat de koning van Assyrië in Samaria had gevestigd, hun land lag tussen Judea en Galilea, zodat zij het niet konden vermijden "om op den weg der Samaritanen" te gaan; maar in hun steden mochten zij niet gaan. Christus heeft zich niet aan de Heidenen of Samaritanen willen openbaren, en daarom moeten de apostelen niet voor hen prediken. Indien het Evangelie voor ene plaats verborgen blijft, dan houdt Christus zich hierdoor voor die plaats verborgen. Deze beperking was hun slechts bij hun eerste zending voorgeschreven, later werd hun bevolen heen te gaan "in de gehele wereld" en "alle volken" te onderwijzen. Maar "tot de verlorene schapen van het huis Israels". Het dienstwerk onder hen had Christus zich voorbehouden, Hoofdst. 15:14; want Hij was "een Dienaar der besnijdenis, Rom. 15:8, en daarom moeten de apostelen, die slechts Zijne metgezellen en gezanten waren, zich alleen tot hen bepalen. De eerste aanbieding der zaligheid moet gedaan worden aan de Joden, Hand. 3:26. Christus had ene zeer bijzondere en tedere zorge over, en belangstelling in "het huis Israels", zij waren "beminden om der vaderen wil," Rom. 11:28. Hij zag met ontferming op hen neer als op "verlorene schapen", die Hij, als Herder, terug wilde brengen van de bijwegen der zonde, waarop zij waren afgedwaald, en waar, indien zij er niet van teruggebracht werden, zij altijd zouden ronddolen, Jer. 2:6 . Ook de Heidenen zijn als verlorene schapen geweest, 1 Petrus 2:25. Christus geeft hun deze beschrijving van hen, tot wie zij gezonden waren, om hen op te wekken tot ijver in hun arbeid; zij werden gezonden tot het huis van Israël (waartoe ook zij zelven behoorden) en met wie zij niet anders konden dan medelijden hebben, en verlangend zijn om hen te helpen.
De volgende tekst (laatste regels van Markus) is pas 300 jaar na Christus aan het evangelie van Markus toegevoegd en komt in de eerste geschriften niet voor:

19 Trek eropuit en maak alle volken tot mijn
leerlingen en doop ze in de naam van de Vader en
van de Zoon en van de heilige Geest.
Er is dus opzettelijk een tekst toegevoegd aan Markus die suggereert dat Jezus er na zijn dood anders over is gaan denken. En waarom? Omdat het christendom inmiddels een niet-joodse godsdienst is geworden. Israel is immers verwoest door de Romeinen en het joodse volk is vermoord en gedeporteerd.
1. Deze tekst staat niet in het evangelie van Markus maar in Mattheüs. Dus je hele verhaal over die 300 jaar later heeft geen betrekking op deze tekst.
2. De tekst komt ook in alle evangeliën voor en dus niet alleen in Markus.
3. In het oude testament worden er geen doekjes om gewonden dat het evangelie bedoeld is voor de hele wereld en niet alleen voor de joden.

Evangeliën
Mattheüs 28:19 Gaat dan henen, onderwijst al de volken, dezelve dopende in den Naam des Vaders, en des Zoons, en des Heiligen Geestes; lerende hen onderhouden alles, wat Ik u geboden heb.
Markus 11:17 En Hij leerde, zeggende tot hen: Is er niet geschreven: Mijn huis zal een huis des gebeds genaamd worden allen volken? Maar gij hebt dat tot een kuil der moordenaren gemaakt.
Markus 13:10 En het Evangelie moet eerst gepredikt worden onder al de volken.
Lukas 24:47 En in Zijn Naam gepredikt worden bekering en vergeving der zonden, onder alle volken, beginnende van Jeruzalem.
Oude testament:
Genesis 22:18 En in uw zaad zullen gezegend worden alle volken der aarde, naardien gij Mijn stem gehoorzaam geweest zijt.
Genesis 18:18 Dewijl Abraham gewisselijk tot een groot en machtig volk worden zal, en alle volken der aarde in hem gezegend zullen worden?
Genesis 28:14 En uw zaad zal wezen als het stof der aarde, en gij zult uitbreken in menigte, westwaarts en oostwaarts, en noordwaarts en zuidwaarts; en in u, en in uw zaad zullen alle geslachten des aardbodems gezegend worden.
Genesis 26:4 En Ik zal uw zaad vermenigvuldigen, als de sterren des hemels, en zal aan uw zaad al deze landen geven; en in uw zaad zullen gezegend worden alle volken der aarde,
Jesaja 42:6 Ik, de HEERE, heb u geroepen in gerechtigheid, en Ik zal u bij uw hand grijpen; en Ik zal u behoeden, en Ik zal u geven tot een Verbond des volks, tot een Licht der heidenen.
Jesaja 49:6 Verder zeide Hij: Het is te gering, dat Gij Mij een Knecht zoudt zijn, om op te richten de stammen van Jakob, en om weder te brengen de bewaarden in Israel; Ik heb U ook gegeven tot een Licht der heidenen, om Mijn heil te zijn tot aan het einde der aarde.

Verwijderd

Over de hoeksteen
Matteüs 21
42 Jezus vroeg hun: ‘Hebt u nooit deze woorden uit
de Schrift gelezen? De steen door de bouwers
afgekeurd, is de hoeksteen geworden. Zo gaat de
Heer te werk, het is voor ons niet te begrijpen!
43 Daarom zeg ik u: het koninkrijk van God zal u
worden afgenomen en zal worden gegeven aan
een volk dat de vruchten ervan opbrengt.


Is Jezus hier het volk dat de vruchten opbrengt? Natuurlijk niet, dat zijn de mensen die het goede nastreven. Wie zijn de bouwers van het geloof? Dat zijn de Farizeeën, de wetsgeleerden. Wie keuren zij af? De mensen die zich niet aan hun wetten houden. Maar voor Jezus zijn deze mensen wel waardevol. Hij kijkt in het hart van de mensen. Hij heeft niets op met de wetten van de mensen, alleen met God's wetten.
Je probeert hier volgens mij duidelijk te maken dat met de “hoeksteen” het volk wordt bedoeld en dus niet Jezus. Daar ben ik het niet mee eens, omdat je ook deze tekst uit zijn context rukt. Laten we het hele stukje er maar eens bijhalen.
33 Hoort een andere gelijkenis. Er was een heer des huizes, die een wijngaard plantte, en zette een tuin daarom, en groef een wijnpersbak daarin, en bouwde een toren, en verhuurde dien den landlieden, en reisde buiten‘s lands.
34 Toen nu de tijd der vruchten genaakte, zond hij zijn dienstknechten tot de landlieden, om zijn vruchten te ontvangen.
35 En de landlieden, nemende zijn dienstknechten, hebben den een geslagen, en den anderen gedood, en den derden gestenigd.
36 Wederom zond hij andere dienstknechten, meer in getal dan de eersten, en zij deden hun desgelijks.
37 En ten laatste zond hij tot hen zijn zoon, zeggende: Zij zullen mijn zoon ontzien.
38 Maar de landlieden, den zoon ziende, zeiden onder elkander: Deze is de erfgenaam, komt, laat ons hem doden, en zijn erfenis aan ons behouden.
39 En hem nemende, wierpen zij hem uit, buiten den wijngaard, en doodden hem.
40 Wanneer dan de heer des wijngaards komen zal, wat zal hij dien landlieden doen?
41 Zij zeiden tot hem: Hij zal den kwaden een kwaden dood aandoen, en zal den wijngaard aan andere landlieden verhuren, die hem de vruchten op haar tijden zullen geven.
42 Jezus zeide tot hen: Hebt gij nooit gelezen in de Schriften: De steen, dien de bouwlieden verworpen hebben, deze is geworden tot een hoofd des hoeks; van den Heere is dit geschied, en het is wonderlijk in onze ogen?
43 Daarom zeg Ik ulieden, dat het Koninkrijk Gods van u zal weggenomen worden, en een volk gegeven, dat zijn vruchten voortbrengt.
De teksten 41 t/m 43 hebben duidelijk betrekking op de gelijkenis. In tekst 41 vraagt Jezus aan de Farizeeën wat er moet gebeuren met de landslieden die zo verkeerd hebben gehandeld. De Farizeeën reageren daarop en zeggen dat de wijngaard aan landslieden gegeven moet worden die hun vruchten wel op tijd zullen geven. In vers 43 gaat Jezus daarop in en maakt het persoonlijk door te zeggen dat het Koninkrijk Gods van hun(Farizeeën) zal weggenomen worden, en een volk gegeven zal worden dat zijn vruchten wel voortbrengt. En in vers 42 heeft Jezus het over de hoeksteen die verworpen werd, zoals het ook gebeurde met de zoon in de wijngaard door de landslieden. Deze link lijkt me vrij duidelijk er is dus geen link tussen het woord “volk” in vers 43 en de “hoeksteen” in vers 42 zoals jij beweerde.
Petrus is een grapjas. Hij maakt van de hoeksteen, waarmee bedoeld wordt: een heel belangrijke steen, tegelijkertijd een steen des aanstoots. Maar de boodschap is ook hier weer: als je niet in Jezus gelooft komt je niet in de hemel, eigen schuld. Ook hier zie je weer: Waar Jezus in de eerdere canonische evangeliën de opperpriesters aanvalt, worden die in de latere
evangeliën vervangen door de joden en ongelovigen, die Jezus niet willen aannemen.
Petrus heeft volkomen gelijk als hij zegt dat de hoeksteen tegelijk belangrijk en een steen der aanstoots is. Want hij heeft het hier over Jezus. Jezus, is de zoon van God en toch wordt hij verworpen en gekruisigd. En wat het vervangen betreft, misschien was het niet duidelijk, maar het boek Petrus is een brief en geen Evangelie. Dus er is helemaal niks vervangen.
Dat is ook heel begrijpelijk. De apostelen probeerden mensen te bekeren tot het christendom, maar Christenen werden zwaar vervolgd. Als je in die situatie geen Christen hoeft te zijn om in de hemel te komen, dan ga je je echt niet aan vervolgingen blootstellen. Jezus, gaat in zijn parabels fel te keer tegen de wetgeleerden en stelt voortdurend dat je je niet aan de strenge wetten hoeft te houden om in de hemel te komen, hij stelt de hemel voor iedereen open. Daarom probeert men in later evangelies deze parabels een andere uitleg te geven. Laten we het maar een leugentje om bestwil noemen. Men wilde dit mooie geloof verbreiden, maar met had iets nodig dat de mensen over de streep trekt. Dat is de belofte van de hemel, maar alleen als je Jezus aanvaardt.
Dat je alleen in de hemel kan komen als je Jezus aanvaardt is nou juist de reden waarom Jezus op deze aarde kwam. Zijn hoofddoel was niet het evangelie te prediken en mensen te genezen, maar om te sterven voor onze zonden. Goede werken en de wetten naleven konden je niet afhelpen van de zonden, maar doordat Jezus voor onze zonden is gestorven kwam er toch een weg vrij naar de hemel. De Farizeeën volgden de wet stipt na en hadden waarschijnlijk het idee “wij zijn zo goed wij komen vast in de hemel”, maar Jezus probeert hen dan duidelijk te maken dat goede werken alleen niet voldoende zijn om in de hemel te komen. Jezus vertelt hen dus niet dat ze de wetten niet hoeven te houden, maar dat het houden van de wetten niet de weg is om zalig te worden.

Bruiloft gelijkenis
Jij negeert tegen wie Christus dit zegt. Namelijk zijn aartsvijanden, de Farizeeën, dat zijn priesters, wetsgeleerden. Hij geeft hier geen godsdienstles, maar houdt hun een spiegel voor, zoals hij dat voortdurend tegen hen doet. Zij zijn de genodigden die niet uitverkoren zijn. De Farizeeën zijn de gelovigen van het type fundamentalist zoals je die vandaag nog steeds veel aantreft. Ze nemen elk woord in de schrift letterlijk.
Je hebt gelijk over het feit dat Jezus hier expliciet tegen de Farizeeën spreekt, maar dat doet niks af van mijn punt. Je wou volgens mij met de gelijkenis duidelijk maken dat niet alleen de leden van de “Jezus-vereniging”, maar dat ook mensen die niet in Jezus geloven in de heml komen(bijv moslims). Ik zei toen dat ik geen link zag tussen de Jezus-vereniging en de genodigden, maar dat daar de Joden mee bedoeld werden. Nu geef jij aan dat met de genodigden in plaats van de joden de Farizeeën bedoeld worden. Daar heb je gelijk in, maar daarom staat mijn punt nog wel.
De joden overal de schuld van geven doet het evangelie van Johannes. Maar Jezus was een jood, zijn apostelen waren joods, zijn volgelingen waren joods. Jezus predikte alleen maar voor de joden.
Het evangelie van Johannes is inderdaad generaliserend wat dat betreft, maar om nou gelijk de conclusie te trekken dat Johannes de joden van alles de schuld geeft vind ik overdreven. Een ander verklaring zou bijvoorbeeld kunnen zijn:
Dat in het evangelie van Johannes in plaats van Farizeeën Joden staat kan te maken hebben met het feit dat het evangelie van Johannes geschreven is voor niet-joden(en misschien geschreven door niet-joden) die niet bekend waren met de joodse Godsdienst. Het is daarom aannemelijk dat de schrijver het voor hen duidelijker wil maken door in plaats van Farizeeën het woord Joden te gebruiken. In Johannes wordt bijvoorbeeld Nicodemus niet als Farizeeër aangeduid maar als overste der Joden.
Als de Joden niet willen overgaan naar het Christendom verandert dat. Lees Kolossenzen 1
Dit is niet waar, met deze tekst wordt iets heel anders bedoeld zie commentaar.

Commentaar kollosenzen.
3. Het Evangelie dat gepredikt werd. Het wordt hier genoemd: De verborgenheid, die verborgen is geweest van alle eeuwen en van alle geslachten, maar nu geopenbaard is aan Zijne heiligen, vers 26. <#Col 1.26>

A. De verborgenheid van het Evangelie was lang verborgen; van eeuwen en geslachten; al de eeuwen der kerk onder de bedeling des Ouden Testaments. De gemeente was in een staat van minderjarigheid en werd opgeleid voor volmaakter toestand, maar zij kon niet zien op het einde van de dingen, die God verordend had, 2 Cor. 3:13 <#2Co 3.13>.

B. Deze verborgenheid nu, is in de volheid der tijden bekend gemaakt aan de heiligen; duidelijk geopenbaard en blootgelegd. De sluier, die over het aangezicht van Mozes lag, is door Christus weggenomen, 2 Cor. 3:14 <#2Co 3.14>. De geringste heilige onder het Evangelie verstaat meer dan de grootste profeet onder de wet. De minste in het koninkrijk der hemelen is groter dan zij. De verborgenheid van Christus, welke in andere eeuwen den kinderen der mensen niet is bekend gemaakt, is nu geopenbaard aan Zijne heilige apostelen en profeten door den Geest, Ef. 3:4, 5. En <#Eph 3.4,5> wat is die verborgenheid? Het is de rijkdom van Gods heerlijkheid onder de heidenen. De bijzondere leer van het Evangelie was een verborgenheid, die tevoren verborgen was en nu bekend gemaakt werd. Maar de grote verborgenheid, waarop hier gedoeld wordt, is het verbreken van den muur des afscheidsels tussen Joden en heidenen, en de verkondiging van het Evangelie aan de heidenwereld, zodat dezen deelgenoten worden aan de voorrechten van het Evangelie; zij, die tevoren in onwetendheid en afgoderij verzonken lagen.

Dat de heidenen zijn mede-erfgenamen en van hetzelfde lichaam, en mede-deelgenoten Zijner belofte in Christus door het Evangelie, Ef. 3:6 <#Eph 3.6>. Deze verborgenheid, nu bekend gemaakt, is Christus onder u, de hoop der heerlijkheid. Christus is de hoop der heerlijkheid. De grond van onze hoop is Christus in het woord, of de openbaring des Evangelies, die ons den aard daarvan en de middelen om dien te verkrijgen mededeelt. Het bewijs van onze hoop is Christus in het hart, of de heiligmaking van de ziel, en haar toebereiding voor de hemelse heerlijkheid.
Hoezo krijgen ze een wit kleed, dat staat er helemaal niet in.
Fout van mijn kant, je hebt gelijk.

Verwijderd

Aanklacht Johannes tegen Joden
Leuk geprobeerd maar iedereen kan zelf lezen dat hier veel sterkere woorden
staan zonder als. Het stukje sluit vooral goed aan bij de voortdurende aanklacht die Johannes tegen de joden aanheft. Met de andere canonische evangeliën heeft het niets te maken.
Hieronder staat het hele stukje. In vers 39 zeggen de joden tot Jezus Abraham is onze vader. Jezus zegt dan tegen de joden dat als hun Vader Abraham is hun ook de werken van Abraham moeten doen en dus niet proberen Jezus te doden. Daarna zeggen de Joden wij zijn kinderen Gods, hierop antwoord Jezus dat als hun Vader God was zij hem zouden liefhebben. Daarna gaat Jezus er verder op in(vers 43/44) en zegt tegen hen wie hun ware vader is wat hun gedrag betreft. Lijkt me vrij logisch. Zie ook commentaar.

Johannes 8
39 Zij antwoordden en zeiden tot Hem: Abraham is onze vader. Jezus zeide tot hen: Indien gij Abrahams kinderen waart, zo zoudt gij de werken van Abraham doen.
40 Maar nu zoekt gij Mij te doden, een Mens, Die u de waarheid gesproken heb, welke Ik van God gehoord heb. Dat deed Abraham niet.
41 Gij doet de werken uws vaders. Zij zeiden dan tot Hem: Wij zijn niet geboren uit hoererij; wij hebben een Vader, namelijk God.
42 Jezus dan zeide tot hen: Indien God uw Vader ware, zo zoudt gij Mij liefhebben; want Ik ben van God uitgegaan; en kom van Hem. Want Ik ben ook van Mijzelven niet gekomen, maar Hij heeft Mij gezonden.
43 Waarom kent gij Mijn spraak niet? Het is, omdat gij Mijn woord niet kunt horen.
44 Gij zijt uit den vader den duivel, en wilt de begeerten uws vaders doen; die was een mensenmoorder van den beginne, en is in de waarheid niet staande gebleven; want geen waarheid is in hem. Wanneer hij de leugen spreekt, zo spreekt hij uit zijn eigen; want hij is een leugenaar, en de vader derzelve leugen.
45 Maar Mij, omdat Ik u de waarheid zeg, gelooft gij niet.
Verkort Commentaar Johannes 8:44
III. Bewezen hebbende, dat zij noch tot Abraham noch tot God in betrekking staan, gaat Hij er nu toe over om om hun duidelijk te zeggen wiens kinderen zij waren. Gij zijt uit den vader den duivel, vers 44. <#Joh 8.44> Indien zij Gods kinderen niet waren, dan waren zij de kinderen des duivels, want de wereld is tussen God en Satan verdeeld, daarom wordt van den duivel gezegd, dat hij werkt in de kinderen der ongehoorzaamheid, Ef. 2:2 <#Eph 2.2>. Alle goddeloze mensen zijn kinderen des duivels, kinderen Belials, 2 Cor. 6:15; <#2Co 6.15> het zaad der slang, Gen. 3:15; <#Ge 3.15> kinderen van den boze, Matth. 13:38 <#Mt 13.38>. Zij delen in zijne natuur, dragen zijn beeld, gehoorzamen zijne bevelen en volgen zijn voorbeeld. Afgodendienaars "zeiden tot een hout: Gij zijt mijn vader," Jer. 2:27 <#Jer 2.27>. Dit is een ruwe beschuldiging en klinkt zeer hard en afschuwelijk, dat menschenklnderen, inzonderheid kinderen der kerk, kinderen des duivels zouden genoemd worden, en daarom is het, dat de Heiland het ten volle bewijst:

1. Door een argument in het algemeen: gij wilt de begeerten uws vaders doen, theletepoiein.
2. Door twee bijzondere voorbeelden, waarin zij klaarblijkelijk op den duivel geleken, -moord en leugen. De duivel is een vijand van leven, omdat God de God is van leven, en leven het geluk van den mens is; en een vijand van de waarheid, omdat God de God is der waarheid, en de waarheid het verband is der men- schelijke maatschappij.
Nergens in bijv. Matheus wordt er negatief over de joden gesproken. Het zijn de opperpriesters die overal de schuld van krijgen, ook dat zij de menigte hebben opgehitst om Jezus ter dood te laten veroordelen.

In het hele evangelie van Matheus komt het woord joden maar 7 keer voor en nooit in negatieve zin. In het evangelie van Johannes komt het woord joden bijna 50 keer voor en van af het eerste begin in negatieve zin. Overal waar bij matheus en Markus: Farizeeën staat of opperpriesters is dit bij Johannes vervangen door Joden.
Ook in de andere evangeliën wordt soms in negatieve zin over de Joden gesproken zoals in Lukas 4.

Lukas 4:
25 Maar Ik zeg u in der waarheid: Er waren vele weduwen in Israel in de dagen van Elias, toen de hemel drie jaren en zes maanden gesloten was, zodat er grote hongersnood werd over het gehele land.
26 En tot geen van haar werd Elias gezonden, dan naar Sarepta Sidonis, tot een vrouw, die weduwe was.
27 En er waren vele melaatsen in Israel, ten tijde van den profeet Elisa; en geen van hen werd gereinigd, dan Naaman, de Syrier.
28 En zij werden allen in de synagoge met toorn vervuld, als zij dit hoorden.
29 En opstaande, wierpen zij Hem uit, buiten de stad, en leidden Hem op den top des bergs, op denwelken hun stad gebouwd was, om Hem van de steilte af te werpen.
6 ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven,’
antwoordde Jezus. ‘Iemand kan alleen naar de
Vader gaan via mij.

Dat is nou weer typisch een zin van: ra ra wie? inderdaad Johannes.

In Johannes staat bijna voortdurend: dit is de waarheid, jullie moeten mij geloven. Het is soms bijna pathetisch. Wie spreekt er zo? Mensen die bang zijn niet geloofd te worden (en dat zijn vaak mensen die de waarheid ook niet spreken). In de andere canonische evangelies heeft Christus die onzekerheid helemaal niet. Hij is zelfverzekerd en de mensen geloven hem.
In totaal zegt Jezus vier keer dat hij de waarheid spreekt. Dit is dus iets heel anders dan voortdurend. Verder staan deze woorden vaak in verhaal vorm, en is hun aanwezigheid logisch.
Daar verkondigt hij ook niet dat hij God is, maar in Johannes wel en kennelijk voelt Johannes zelf al aan dat dit nauwelijks te verkopen is en daarom slooft hij zich zo uit te vertellen dat het waarheid is.
Fout, ook in andere evangeliën wordt heel duidelijk gemaakt dat Jezus zichzelf als de Zoon van God ziet. Dit wordt bijvoorbeeld duidelijk doordat Jezus de zonden van mensen vergeeft en door verscheidene andere dingen. Ik kan hier natuurlijk ook weer een aantal teksten quoten, maar misschien is het leerzaam dat je zelf eens op zoek gaat.
Hier treedt de fundamentele verandering in het Christendom op. Waren voorheen de christenen nog joden, hier begint de scheuring. Veel joden willen hun God niet opgeven voor Christus en daarom moeten ze het ontgelden. Dat geeft de kerk meteen de gelegenheid om te verklaren dat de joden niet langer het uitverkoren volk van God zijn, maar dat dit nu overgegaan is op de christenen, want de joden hebben God vermoord. Op dit moment begint 2000 jaar antisemitisme. Voor de christenen werden de joden een bron van frustratie. Zij gaven vaak een andere uitleg aan het oude testament, maar zij waren de oorspronkelijke eigenaars. Dat zij in Christus weigerden God te zien en zelfs geen Messias was een doorn in het oog.
Dit is natuurlijk onzin. Je kunt in handelingen lezen dat ook vele Joden in Jezus geloofden als hun Messias. Verder heeft de kerk geen bevoegdheid om te zeggen dat de Joden geen uitverkoren volk is, dat kan alleen God. Ook Paulus ging altijd eerst naar de synagoge om daar het evangelie te prediken, zodra hij geweigerd werd in de synagoge ging hij pas naar de heidenen.
Dat heet predestinatie en dat heeft Calvijn bedacht, mede op basis van Paulus, om toch te kunnen zeggen dat iemand naar de hel gaat en daar wordt ook druk gebruik van gemaakt. Dat staat weer haaks op de leer van Christus, want die stelt heel duidelijk:

Matteüs 7
1 ‘Oordeel niet over anderen; dan zal God niet
oordelen over u.
Met predestinatie bedoelt Calvijn iets heel anders, dan wat ik bedoel. Ik zei dat wij niemand veroordelen, maar dat wij wel iemand kunnen vertellen welke weg tot de zaligheid leidt volgens de bijbel. Mijn punt staat dus nog steeds.
Wat is predestinatie.
Predestinatie noemen wij het eeuwige raadsbesluit van God, waardoor Hij besloten heeft, wat volgens Zijn wil met ieder mens moet geschieden. Hij heeft niet alle mensen onder dezelfde voorwaarden geschapen, maar de enen heeft hij voorbestemd voor het eeuwig leven, de anderen voor de eeuwige verdoemenis.
In de oudste evangelien van Markus, Matheus en Lucas vind je de woorden van Christus. In de latere evangelieen vind je de woorden van volgelingen, die het inmiddels niet joodse geloof hebben aangepast om te midden van vervolgingen het hoofd boven water te houden. Na 2000 jaar moeten we daar eens door heen leren zien en het geloof ook met verstand benaderen, dan ontmoet je een andere Christus en die is zeker niet de mindere.
De Christus die ik ontmoet in de evangeliën is de Zoon van God die door/voor onze zonden aan het kruis genageld wordt om zo voor ons de zaligheid te verkrijgen en vergeving der zonden. Nou ben ik benieuwd welke Christus jij ontmoet in de evangeliën en waarom hij de meerdere is.

Verwijderd

Jezus alleen voor joden:

Galatians 5
1 It was for freedom that Christ set us free; therefore keep standing firm and do not be subject again to a yoke of slavery.
2 Behold I, Paul, say to you that if you receive circumcision Christ will be no benefit to you.
3 And I testify again to every man who receives circumcision, that he is under obligation to keep the whole Law.
4 You have been severed from Christ, you who are seeking to be justified by law; you have fallen from grace.
5 For we through the Spirit, by faith, are waiting for the hope of righteousness.
6 For in Christ Jesus neither circumcision nor uncircumcision means anything, but faith working through love.
Het gaat niet alleen over besnijdenis maar ook bijvoorbeeld gedoopt worden om in de hemel te komen. Of je moet elke zondag naar de kerk gaan om in de hemel te komen. Of je moet je communie doen. Of je moet lid zijn van een kerk om in de hemel te komen. Dat is allemaal niet geldig voor jezus.

en lasker hier is die vers. proverbs 14:12
There is a way wich seems right to a man,
But its end is the way of death

Verwijderd

Verwijderd schreef op 15 oktober 2003 @ 01:37:
Jezus alleen voor joden:

Galatians 5

Het gaat niet alleen over besnijdenis maar ook bijvoorbeeld gedoopt worden om in de hemel te komen. Of je moet elke zondag naar de kerk gaan om in de hemel te komen. Of je moet je communie doen. Of je moet lid zijn van een kerk om in de hemel te komen. Dat is allemaal niet geldig voor jezus.
Je hebt mij niet goed begrepen. Wat ik beweer is het volgende. Jezus was een Joodse rabbi die predikte voor de Joden en het Joodse geloof aanhing. Het Jodendom probeerde geen heidenen te bekeren. Jezus wilde de onenigheid tussen God en zijn mensen beeindigen door de voorspelde messias te worden. Daartoe heeft hij zijn leven opgeofferd.

Toen hij werd gekruisigd door de romeinen sloegen zijn volgelingen op de vlucht. In eerste instantie predikten zij vooral voor de Joden die buiten Israel leefden. Omdat de meesten daarvan niet wilden bekeren en Israel werd verwoest, gingen ze zich na verloop van tijd helemaal op niet-joden richten. Dit gebeurt allemaal ruim na Jezus dood. Bovendien komen er heidense ideeen in het van oorsprong joodse christelijke geloof. Omdat heidenen het joodse begrip messias niets zegt, maar wel bekend zijn met het idee dat mensen na hun dood goden worden, wordt Jezus voorgesteld als een god. Eerst nog naast God de vader, maar later wordt God zelf Jezus. Dat gebeurt op een heel ingewikkelde manier die de drie-eenheid wordt genoemd.

In het nieuwe testament kun je deze ontwikkeling lezen.

- In het oudste canonische evangelie van Markus is Jezus uitsluitend de messias en geen God. Dit evangelie hield vroeger op bij de dood van Christus. Pas 300 jaar na zijn dood werden de passages van de verrijzenis toegevoegd en ook dat zijn leerlingen het geloof moesten verbreiden.
- De evangelies van Matheus en Lucas zijn gebaseerd op die van Markus en zijn van latere datum. Hierin is Jezus nog steeds een messias.
- In de evangelies van Paulus zie je de gehele ontwikkeling die ik hier boven heb beschreven. Eerst beschrijft Paulus jezus als mens en messias en in de latere evangelien beschrijft hij hem als God.
- Johannes is het sluitstuk. In Johannes is Jezus helemaal God geworden. In Johannes richt men zich niet meer op de Joden zoals Paulus nog doet, maar krijgen de Joden overal de schuld van. Men richt zich helemaal op de niet-Joden.

In galaten 5 is Paulus aan het woord op een moment dat nog veel joden tot het christendom behoren. Paulus beklaagt zich er over dat veel joden terugvallen in hun oude gewoonten zoals de besnijdenis en andere gebruiken uit de Joodse wet. Hier zie de eerste wrevels ontstaan tussen de joden en christenen.
en lasker hier is die vers. proverbs 14:12
In "Spreuken" staan levenswijsheden en geen geloofsvoorschiften. Ik gebruik liever de nederlandse vertaling:

12 Een weg die recht lijkt, kan toch naar de dood
leiden.


Jij interpreteert dat op een wel heel vrije manier. Als je van je geloof afvalt dan leidt dat tot de ondergang. Er staat echter niet "afwijken van de rechte weg, leidt tot de dood".

Kijk eens naar de twee spreuken die erna staan:

13 Ook onder het lachen kan je hart pijn doen en na
de vreugde blijft het verdriet dan over.
14 Een goed mens plukt de vruchten van zijn daden,
maar een slecht mens niet minder.


Wat hier bedoeld wordt is: Het leven zit vol onverwachte tegenstellingen. Val niet van je geloof door schijnbare onrechtvaardigheden, want Gods wegen zijn ondoorgrondelijk.

[ Voor 6% gewijzigd door Verwijderd op 15-10-2003 18:00 ]


Verwijderd

Verwijderd schreef op 15 October 2003 @ 00:25:
Aanklacht Johannes tegen Joden
Hieronder staat het hele stukje. In vers 39 zeggen de joden tot Jezus Abraham is onze vader. Jezus zegt dan tegen de joden dat als hun Vader Abraham is hun ook de werken van Abraham moeten doen en dus niet proberen Jezus te doden. Daarna zeggen de Joden wij zijn kinderen Gods, hierop antwoord Jezus dat als hun Vader God was zij hem zouden liefhebben. Daarna gaat Jezus er verder op in(vers 43/44) en zegt tegen hen wie hun ware vader is wat hun gedrag betreft. Lijkt me vrij logisch. Zie ook commentaar.

Johannes 8
Het is niet Jezus die hier spreekt. In Johannes worden Jezus dingen in de mond gelegd om de uiteindelijke kerkelijke theologie gestalte te geven. In die theologie zijn de joden moordenaars van Christus en is Christus op een onjoodse maar zeer heidense manier gepromoveerd tot God. Het is dan ook geen toeval dat Christenen bijna altijd uit Johannes citeren.

Overigens kun je uit Johannes goed halen waarom de Joden, Jezus niet willen aannemen. Het hel idee van Jezus als God is namelijk een overtreding van het tweede gebod.

J o h a n n e s 8
41 U handelt naar het voorbeeld van uw vader.’
Daarop zeiden ze: ‘Wij zijn geen bastaardkinderen.
Wij hebben maar één vader: God.’


De joden hebben natuurlijk groot gelijk dat ze die nieuwerwetse heidense en godslasterlijke ideeën afwijzen, maar dat wordt ze niet in dank afgenomen en daarom worden ze kinderen van de duivel genoemd. De Christenen verheerlijken Jezus tot hij van een mens en Messias is veranderd in een God. Op die manier kunnen ze wel het geloof verspreiden onder de heidenen.
Verkort Commentaar Johannes 8:44
Je kan zo'n commentaar niet als bewijs aandragen, want die verkondigt natuurlijk de kerkelijke theologie. Dat heet prediken voor eigen parochie.
Ook in de andere evangeliën wordt soms in negatieve zin over de Joden gesproken zoals in Lukas 4.
Ik begrijp dat je wanhopig hebt gezocht om zoiets te vinden en hoe mager is de oogst. Hier legt Jezus uit waarom een profeet niet in eigen land of stad wordt gewaardeerd. Dit is zeker geen aanklacht tegen het joodse volk. Want voor Jezus is er alleen maar dat Joodse volk, zijn woede richt zich niet tegen Joden ook niet tegen de ongelovigen, uitsluitend tegen de Farizeeën. Jezus verkondigt geen onjoods geloof, Jezus verkondigt een joods geloof. Er waren in de tijd van Jezus in het jodendom allerlei stromingen en zijn leerlingen behoorden ook tot allerlei verschillende stromingen. Jezus zelf was een Nazarener, Johannes de doper was een Esseen, Simon was een Zeloot, Judas Iskarioth was een Sicarier. En al die stromingen richten zich uitsluitend op de joden net als Jezus. Waarom zou je tegen de heidenen prediken, die kennen de bijbel helemaal niet en wat interesseert die nou de geschiedenis van een ander volk.
In totaal zegt Jezus vier keer dat hij de waarheid spreekt. Dit is dus iets heel anders dan voortdurend. Verder staan deze woorden vaak in verhaal vorm, en is hun aanwezigheid logisch.
Lees nou eens een keer goed. In Johannes spreekt Jezus helemaal niet. Ook Johannes waarschijnlijk niet, ookal wordt dit evangelie door de kerk aan hem toegeschreven, de geleerden geloven geenszins dat het ook door Johannes is geschreven. Maar laten we voor het gemak over Johannes als schrijver spreken.

Het is Johannes die steeds benadrukt dat het de de waarheid is. Dat gebeurt in Markus en Matheus nooit. In Lucas precies één keer. Nu Johannes

14 Het Woord is mens geworden en is onder ons
komen wonen. Wij hebben zijn glorie gezien, vol
van goedheid en waarheid, de glorie die hij
ontving als enig kind van de Vader.

17 Want de wet is door Mozes gegeven, de goedheid
en de waarheid zijn door Jezus Christus gekomen.

23 Maar er komt een tijd — en die is er al — dat wie
echt aanbidden, de Vader aanbidden in geest en
waarheid. Want de Vader wil mensen die hem zo
aanbidden.

33 U hebt eens mensen naar Johannes gestuurd en hij
heeft toen voor de waarheid getuigd.

32 u zult de waarheid kennen en de waarheid zal u
vrijmaken.’

40 Nu wilt u mij doden, omdat ik u de waarheid
verkondigd heb die ik van God gehoord heb.
Zoiets deed Abraham niet!

44 De duivel is uw vader en wat uw vader wil, wilt u
ook graag doen. Hij is vanaf het begin een
moordenaar geweest. Hij heeft nooit aan de kant
van de waarheid gestaan, omdat er geen waarheid
in hem is.

45 Maar ik, ik spreek de waarheid en daarom gelooft
u me niet.

46 Wie van u kan bewijzen dat ik schuldig ben aan
een zonde? Als ik de waarheid spreek, waarom
gelooft u me dan niet?

6 ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven,’
antwoordde Jezus. ‘Iemand kan alleen naar de
Vader gaan via mij.

17 de Geest van de waarheid. De wereld kan hem niet
ontvangen, omdat ze hem niet ziet of kent. Maar
jullie kennen hem, want hij woont bij jullie en zal
in jullie zijn.

26 Als ik bij de Vader ben, zal ik jullie de Geest van
de waarheid zenden die van de Vader uitgaat. Hij
zal komen om jullie bij te staan en om mijn
getuige te zijn.

13 Maar wanneer de Geest van de waarheid komt, zal
hij jullie de weg wijzen naar de volle waarheid.

17 Laten zij aan u gewijd zijn door de waarheid; uw
woord is de waarheid.

19 Voor hen wijd ik mij aan u; dan zullen ook zij aan
u gewijd zijn door de waarheid.

37 Pilatus vroeg weer: ‘U bent dus wel een koning?’
Jezus zei: ‘U zegt dat ik koning ben. Ik ben
geboren en in de wereld gekomen om te getuigen
voor de waarheid. Iedereen die zich laat leiden
door de waarheid, luistert naar mij.’

35 Hiervan getuigt iemand die het met eigen ogen
gezien heeft, en zijn verklaring is betrouwbaar: hij
weet dat hij de waarheid spreekt en wil dat ook u
gelooft.


In Johannes stopt Jezus ook om in beelden te spreken. De waarheid moet er worden ingepeperd. Maar zelfs in Johannes zeg Christus nog niet onverbloemd dat hij God is. Er wordt alleen voortdurend op gezinspeeld. Daarvoor moet je naar
Titus 2
13 in afwachting van het geluk waar we op hopen: de
verschijning van de heerlijkheid van onze grote
God en redder, Christus Jezus.
Fout, ook in andere evangeliën wordt heel duidelijk gemaakt dat Jezus zichzelf als de Zoon van God ziet. Dit wordt bijvoorbeeld duidelijk doordat Jezus de zonden van mensen vergeeft en door verscheidene andere dingen. Ik kan hier natuurlijk ook weer een aantal teksten quoten, maar misschien is het leerzaam dat je zelf eens op zoek gaat.
Inderdaad, maar "zoon van God" betekende bij de joden iets heel anders dan bij andere volkeren zoals de romeinen. "zoon van God" betekende "wetsgetrouwe", een normale aanduiding bij de Joden voor een profeet.

De Joden hebben God altijd vader genoemd. Daarom leerde Jezus zijn leerlingen ook het "onze vader". Jezus wilde daarmee benadrukken dat we allemaal kind zijn van God. Pas onder invloed van de romeinen werd de aanduiding "zoon van God" een letterlijke betekenis gegeven om de goddelijkheid van Christus te bewijzen. Het rust op een verdraaiing van de oorspronkelijke betekenis.
Dit is natuurlijk onzin. Je kunt in handelingen lezen dat ook vele Joden in Jezus geloofden als hun Messias. Verder heeft de kerk geen bevoegdheid om te zeggen dat de Joden geen uitverkoren volk is, dat kan alleen God. Ook Paulus ging altijd eerst naar de synagoge om daar het evangelie te prediken, zodra hij geweigerd werd in de synagoge ging hij pas naar de heidenen.
In het begin speelden joden de hoofdrol, later werd het geloof niet-joods en zelfs anti-joods. Dan worden het de kinderen van de duivel genoemd.

Johannes zegt het zo
11 Hij kwam naar zijn eigen domein, maar zijn eigen
volk aanvaardde hem niet.
12 Maar aan wie hem aanvaardden en in hem
geloofden, heeft hij het recht gegeven kinderen
van God te worden.
13 Dat werden zij niet door hun afstamming, of op
natuurlijke en menselijke wijze, nee, zij zijn uit
God geboren.
Met predestinatie bedoelt Calvijn iets heel anders, dan wat ik bedoel. Ik zei dat wij niemand veroordelen, maar dat wij wel iemand kunnen vertellen welke weg tot de zaligheid leidt volgens de bijbel. Mijn punt staat dus nog steeds.
Wat is predestinatie.
Ik weet wat pedestinatie is. Calvijn, die een kerkelijke politie instelde (de ouderlingen), meende dat er aanwijzingen zijn, waaraan je kunt zien, waartoe iemand voorbestemd is. Via dit omweggetje konden mensen toch verteld worden dat ze naar hel zouden gaan.
De Christus die ik ontmoet in de evangeliën is de Zoon van God die door/voor onze zonden aan het kruis genageld wordt om zo voor ons de zaligheid te verkrijgen en vergeving der zonden. Nou ben ik benieuwd welke Christus jij ontmoet in de evangeliën en waarom hij de meerdere is.
Voor mij is Jezus "de zoon van God" in de oorspronkelijke betekenis, namelijk profeet: In het bijzonder de eindprofeet: de Messias. Een mens die via zijn onberispelijk leven God met de mensen heeft willen verzoenen.

Je noemt hem steeds de zoon van God. Wil je daar mee aangeven dat Jezus geen God is of juist wel?

[ Voor 8% gewijzigd door Verwijderd op 16-10-2003 00:28 ]


Verwijderd

Verwijderd schreef op 15 oktober 2003 @ 17:11:
[...]

Je hebt mij niet goed begrepen. Wat ik beweer is het volgende. Jezus was een Joodse rabbi die predikte voor de Joden en het Joodse geloof aanhing. Het Jodendom probeerde geen heidenen te bekeren. Jezus wilde de onenigheid tussen God en zijn mensen beeindigen door de voorspelde messias te worden. Daartoe heeft hij zijn leven opgeofferd.

Toen hij werd gekruisigd door de romeinen sloegen zijn volgelingen op de vlucht. In eerste instantie predikten zij vooral voor de Joden die buiten Israel leefden. Omdat de meesten daarvan niet wilden bekeren en Israel werd verwoest, gingen ze zich na verloop van tijd helemaal op niet-joden richten. Dit gebeurt allemaal ruim na Jezus dood. Bovendien komen er heidense ideeen in het van oorsprong joodse christelijke geloof. Omdat heidenen het joodse begrip messias niets zegt, maar wel bekend zijn met het idee dat mensen na hun dood goden worden, wordt Jezus voorgesteld als een god. Eerst nog naast God de vader, maar later wordt God zelf Jezus. Dat gebeurt op een heel ingewikkelde manier die de drie-eenheid wordt genoemd.

In het nieuwe testament kun je deze ontwikkeling lezen.

- In het oudste canonische evangelie van Markus is Jezus uitsluitend de messias en geen God. Dit evangelie hield vroeger op bij de dood van Christus. Pas 300 jaar na zijn dood werden de passages van de verrijzenis toegevoegd en ook dat zijn leerlingen het geloof moesten verbreiden.
- De evangelies van Matheus en Lucas zijn gebaseerd op die van Markus en zijn van latere datum. Hierin is Jezus nog steeds een messias.
- In de evangelies van Paulus zie je de gehele ontwikkeling die ik hier boven heb beschreven. Eerst beschrijft Paulus jezus als mens en messias en in de latere evangelien beschrijft hij hem als God.
- Johannes is het sluitstuk. In Johannes is Jezus helemaal God geworden. In Johannes richt men zich niet meer op de Joden zoals Paulus nog doet, maar krijgen de Joden overal de schuld van. Men richt zich helemaal op de niet-Joden.

In galaten 5 is Paulus aan het woord op een moment dat nog veel joden tot het christendom behoren. Paulus beklaagt zich er over dat veel joden terugvallen in hun oude gewoonten zoals de besnijdenis en andere gebruiken uit de Joodse wet. Hier zie de eerste wrevels ontstaan tussen de joden en christenen.


[...]

In "Spreuken" staan levenswijsheden en geen geloofsvoorschiften. Ik gebruik liever de nederlandse vertaling:

12 Een weg die recht lijkt, kan toch naar de dood
leiden.


Jij interpreteert dat op een wel heel vrije manier. Als je van je geloof afvalt dan leidt dat tot de ondergang. Er staat echter niet "afwijken van de rechte weg, leidt tot de dood".

Kijk eens naar de twee spreuken die erna staan:

13 Ook onder het lachen kan je hart pijn doen en na
de vreugde blijft het verdriet dan over.
14 Een goed mens plukt de vruchten van zijn daden,
maar een slecht mens niet minder.


Wat hier bedoeld wordt is: Het leven zit vol onverwachte tegenstellingen. Val niet van je geloof door schijnbare onrechtvaardigheden, want Gods wegen zijn ondoorgrondelijk.
Nee ik interpreteer dat niet op een vrije manier. Dit is de new inductive stud bible (NASB vertaald) een erg goeie bijbel die dus wel weet wat die doet. EN die vers zegt dus dat als jij denkt dat je het goed heb dat dat dus tot dood lijd. En dood betekend dus scheiding van God.

En ik vind jouwn hele interpretatie helemaal verkeerd. Jezus kwam niet alleen voor de joden. En de apostelen waren er niet alleen voor de 12 stammen. En Jezus is de zoon van God en is 1 van de 3 personen van God. Jezus heeft altijd bestaan. Jezus heeft ook de aarde en de hemelen gecreerd. Hij is 100 procent mens en 100 procent God. Alleen als mens is die dood gegaan voor onze zonde en dan is hij na 3 dagen weer opgestaan. Hij is dus WEL God. En als Jezus alleen voor de joden kwam waarom hielp hij ook niet-joden?? Johannes 3:16. Staat duidelijk dat hij voor de wereld kwam. Hij had ook de apostelen een helper belooft een stuk van zichzelf (de heilige geest is ook God en dus ook jezus en de vader). Die heilige geest hielp de apostelen om het evangelie te verkondigen aan ieedereen omdat ze in tongen konden spreken.

Kijk heel wat joden dachten dat Jezus kwam om hun te bevrijden van de romijnen etc. Maar hij kwam iets veel belangrijkers bevrijden en dat is onze zonde en hij kwam de joden vrij zetten van de wet waaronder ze leefde de wet van slavernij en de wet van zonde want vele joden leefde dus in de wet dat God had gemaakt voor de joden toendertijd in de tijd van moses. En heel wat joden waren teleurgesteld en wachten nog steeds op de dag van vandaag op Jezus en het feit dat heel wat mensen preekte daarna dat hij niet jezus was en dat hij niet was opgestaan na 3 dagen helpt niet veel. En ik geloof dat de anti-christus komt en hij wilt een vredes verband sluiten in israel. En ik denk dat vele joden geloven dat hij dus Jezus is die hun gaat bevrijden en vrede gaat maken. En zodra die verband is gesloten begint de eind tijd de "tribulation". En wij christenen zijn dan al wel opgehaald voordat dat gebeurd.

En het klopt ook dat Jezus nooit zichzelf voor heeft gedaan als de echte zoon van God in zijn 3 jaar dat in de gospel word verteld. Hij heeft dat alleen aan zijn apostelen verteld en hun moesten zich stil houden totdat die helper kwam (de heilige geest). Als ik het goed heb.

Ik zal wat meer studie hier in zetten want ik zie dat je al heel wat van dit onderwerp af weet maar ik zeg dat je verkeerd zit en ik zal het ook proberen te bewijzen met de bijbel want ik denk echt dat je met je theologie en leringen toch verkeerd zit.

[ Voor 3% gewijzigd door Verwijderd op 16-10-2003 05:01 ]

Pagina: 1 2 3 Laatste