Sinds we weer in de warme dagen van het jaar zijn aanbeland brand ik weer kaarsen voor de gezelligheid. Sinds kort maak ik ook gebruik van heel dikke stompkaarsen waar de vlam zichzelf langzaam in vreet zodat het licht door de wand van de kaars heen schijnt.
Als ik nu de kaarsen doof in een verder onverlichte kamer dan gloeit de kaars nog een fractie van een seconde na. Dit is bijna niet waar te nemen maar na hierop een tijdje gelet te hebben ben ik er toch van overtuigd geraakt dat ik me niet iets inbeeld.
Ik let erop dat ik niet rechtstreeks in de vlam kijk, aan het kaarslicht van de kaars gewend ben, met een natte vinger de lont doof zodat de lont niet nagloeit.
Ik heb geprobeert uit te vinden wat de optische dichtheid van kaarsvet is maar tot nu toe heb ik hier geen succes mee gehad maar ik kan het me niet voorstellen dat deze grootgenoeg is om voor deze vertraging te zorgen. Ik weet zeker dat de relaxatie van de kegeltjes in de ogen geen probleem vormen(1/30 seconde). Maar wat dan wel?
Iemand een idee?
Als ik nu de kaarsen doof in een verder onverlichte kamer dan gloeit de kaars nog een fractie van een seconde na. Dit is bijna niet waar te nemen maar na hierop een tijdje gelet te hebben ben ik er toch van overtuigd geraakt dat ik me niet iets inbeeld.
Ik let erop dat ik niet rechtstreeks in de vlam kijk, aan het kaarslicht van de kaars gewend ben, met een natte vinger de lont doof zodat de lont niet nagloeit.
Ik heb geprobeert uit te vinden wat de optische dichtheid van kaarsvet is maar tot nu toe heb ik hier geen succes mee gehad maar ik kan het me niet voorstellen dat deze grootgenoeg is om voor deze vertraging te zorgen. Ik weet zeker dat de relaxatie van de kegeltjes in de ogen geen probleem vormen(1/30 seconde). Maar wat dan wel?
Iemand een idee?