De tak van de filosofie die de relatie tussen taal en werkelijkheid onderzoekt heet, verrassing, taalfilosofie.
Geinspireerd door het werk van logici als Frege en Wittgenstein ontwikkelde de taalfilosofie zich tot de dominante filosofische stroming in angelsaksische landen. De logische fundamenten van de taalfilosofie zijn nog steeds zeer duidelijk terug te vinden in het werk van mensen als David Lewis en Saul Kripke.
Maar ondanks de logisch-linguistische oorpsrong van de taalfilosofie is er belangstelling voor problemen die op het eerste gezicht niets met logica of taal te maken hebben. Sterker nog, er is en wordt geprobeerd om traditionele filosofische vraagstukken te vertalen naar taalfilosofische vraagstukken. De vraag `Denk je dat God bestaat?', zal dan ook taalfilosofisch aangepakt worden met de wedervraag `Wat bedoel je? Wat betekent het woord `God'?'. Deze aanpakt maakt taalfilosofie niet alleen een studie van een bepaald filosofisch probleem -- het verband tussen taal en werkelijkheid -- maar vooral ook een methode. Hoewel de -- op logica en analyse van termen gebaseerde -- methode trouwens tegenwoordig vaker analytische filosofie genoemd wordt.
Een boek als "The Philosophical Foundations of Neuroscience'' deels geschreven door Hacker -- Wittgensteindeskundige te Oxford -- is een prachtig voorbeeld van de toepassing van de taalfilosofische, analytische methode op een prima facie niet-taalfilosofisch onderwerp.
Deze korte introductie brengt ons bij de -- wat gechargeerde, en nogal lastig verdedigbare -- stelling van deze thread:
"De analyse van taal kan ons iets leren over de werkelijkheid."
Immers, de structuur van de taal heeft een zeker verbinding met de werkelijkheid (betekenis nml.) en dus, reflecteert de taal de werkelijkheid op een zekere manier, en dus, door taal te onderzoeken, kunnen we iets leren over de werkelijkheid.
Ah, en als je het wilt hebben over de opvatting over de werkelijkheid waaraan je je committeert met deze stelling, ga je gang! Dat is een beetje een stokpaardje van mij nml. Je zou dat in filo-speak "ontologische consequenties" kunnen noemen. En hoe dan ook een aanwijzing dat metafysica niet te reduceren is naar taalfilosofie (flame on!).
Ach, als je iets wilt schrijven over mogelijke werelden/modale logica n.a.v. de Kripke-link die je gevolgd hebt naar Wiki, ga ook je gang maar. Ik heb geen flauw idee hoe filosofisch onderlegd de W&L mensen zijn maar ik heb het vermoeden dat dat me een beetje tegen zou kunnen gaan vallen.
Nou ja, ik zie wel wat het wordt.
Discuss. (Er staat een stelling ergens hierboven).
Geinspireerd door het werk van logici als Frege en Wittgenstein ontwikkelde de taalfilosofie zich tot de dominante filosofische stroming in angelsaksische landen. De logische fundamenten van de taalfilosofie zijn nog steeds zeer duidelijk terug te vinden in het werk van mensen als David Lewis en Saul Kripke.
Maar ondanks de logisch-linguistische oorpsrong van de taalfilosofie is er belangstelling voor problemen die op het eerste gezicht niets met logica of taal te maken hebben. Sterker nog, er is en wordt geprobeerd om traditionele filosofische vraagstukken te vertalen naar taalfilosofische vraagstukken. De vraag `Denk je dat God bestaat?', zal dan ook taalfilosofisch aangepakt worden met de wedervraag `Wat bedoel je? Wat betekent het woord `God'?'. Deze aanpakt maakt taalfilosofie niet alleen een studie van een bepaald filosofisch probleem -- het verband tussen taal en werkelijkheid -- maar vooral ook een methode. Hoewel de -- op logica en analyse van termen gebaseerde -- methode trouwens tegenwoordig vaker analytische filosofie genoemd wordt.
Een boek als "The Philosophical Foundations of Neuroscience'' deels geschreven door Hacker -- Wittgensteindeskundige te Oxford -- is een prachtig voorbeeld van de toepassing van de taalfilosofische, analytische methode op een prima facie niet-taalfilosofisch onderwerp.
Deze korte introductie brengt ons bij de -- wat gechargeerde, en nogal lastig verdedigbare -- stelling van deze thread:
"De analyse van taal kan ons iets leren over de werkelijkheid."
Immers, de structuur van de taal heeft een zeker verbinding met de werkelijkheid (betekenis nml.) en dus, reflecteert de taal de werkelijkheid op een zekere manier, en dus, door taal te onderzoeken, kunnen we iets leren over de werkelijkheid.
Ah, en als je het wilt hebben over de opvatting over de werkelijkheid waaraan je je committeert met deze stelling, ga je gang! Dat is een beetje een stokpaardje van mij nml. Je zou dat in filo-speak "ontologische consequenties" kunnen noemen. En hoe dan ook een aanwijzing dat metafysica niet te reduceren is naar taalfilosofie (flame on!).
Ach, als je iets wilt schrijven over mogelijke werelden/modale logica n.a.v. de Kripke-link die je gevolgd hebt naar Wiki, ga ook je gang maar. Ik heb geen flauw idee hoe filosofisch onderlegd de W&L mensen zijn maar ik heb het vermoeden dat dat me een beetje tegen zou kunnen gaan vallen.
Nou ja, ik zie wel wat het wordt.
Discuss. (Er staat een stelling ergens hierboven).