Verwijderd schreef op 05 maart 2004 @ 16:25:
Nu word ik helaas gedwongen om de door jouw geponeerde 'rangorde van betrouwbaarheid' te verdedigen, hetgeen ik probeerde te voorkomen door 'veronderstelde' toe te voegen.
Ik poneer juist dat er
geen rangorde van betrouwbaarheid is; ik zeg alleen dat het spraakgebruik 'slechts een theorie' zo'n rangorde impliceert en die uitspraak daarom nietszeggend is.
Een feit in die zin kan dan ook niet ontkracht worden, en is (in empirische zin) 'waar' te noemen, dit in tegenstelling tot een theorie.
Wekte ik de indruk dat ik iets anders beweerde?
Een andere veronderstelling die ten grondslag ligt aan deze vergissing is volgens mij dat een theorie is opgebouwd uit feiten. Dat is een vergissing, een theorie is opgebouwd uit logische relaties tussen proposities waarvan de elementen bestaan uit feiten.
Ik schreef dat een theorie gebouwd is
op feiten, waarmee ik niet bedoelde dat zij is opgebouwd uit feiten (want zoals ik later schreef is zij opgebouwd uit beschrijvingen van feiten, maar daarover zodalijk meer

), maar wat inderdaad een redelijk onbegrijpelijke stelling kan zijn. Wat ik ermee bedoelde is dat de
geloofwaardigheid die eraan wordt toegekend voortkomt uit de waarheid van de feiten die zij beschrijft/verklaart/voorspelt en niet inherent is aan de theorie zelf (hoewel sommigen de elegante vorm van een theorie als aanwijzing voor haar bewijs zien).
De link werkt niet, maar afgezien daarvan staat Gould nou niet bekend om zijn epistemologische verdiensten...
Er stond een puntje teveel achter, die heb ik verwijderd. Gould staat misschien niet bekend om zijn epistemologische verdiensten, maar dat wil niet zeggen dat hij niet iets uit kan leggen over epistemologie.
Ik kan geen voorbeeld bedenken van een theorie die een dergelijke vorm heeft. Maar dat komt ook doordat jij meent dat
[...]
hetgeen iha niet het geval is. Een theorie wordt niet 'gevormd door voorspellingen'. Theorieen doen geen expliciete voorspellingen, die zijn slechts af te leiden uit de door haar geponeerde relaties.
De wetten van Newton beschrijven een vallende appel. De wetten van Newton voorspellingen dat een appel onder bepaalde omstandigheden zal vallen. Newtons zwaartekrachttheorie bestaat uit een stel abstracte verbanden die alle voorwerpen in ons heelal en hun wederzijdse beinvloeding, binnen zekere grenzen en met een bepaalde nauwkeurigheid, beschrijft. F=ma is een beschrijving van de beweging van een vallende appel. F=ma doet ook een voorspelling van de beweging van de vallende appel voor het volgende moment. In beide gevallen geldt dat het abstracte verband correspondeert met iets in de werkelijkheid. Een abstract verband is zinloos zonder correspondentie met de werkelijkheid: elke theorie die wij aanvaarden heeft een dergelijke correspondentie met de werkelijkheid. Dat je een theorie kan opbouwen uit logische relaties betekent niet dat er geen correspondentie met de werkelijkheid is. Het zijn de feiten in de werkelijkheid die de theorie haar waarde geven: haar logisch structuur beschrijft een aantal feiten.
De vraag is denk ik: wat is fundamenteler: de theorie of de feiten? Jouw stelling dat een theorie niet is opgebouwd uit beschrijvingen, maar uit 'geponeerde relaties' betekent in feite dat volgens jou de theorie fundamenteel is en dat de gebeurtenissen in de werkelijkheid die zij beschrijft een soort afgeleide daarvan zijn. Daar ben ik het zeker niet mee eens: de betekenis van de theorie wordt gevormd door de feiten die zij beschrijft. Een theorie wordt niet gevormd door een stel definities en abstracte wiskundige verbanden. Een theorie wordt gevormd door de oneindig vele delen van de werkelijkheid die zij beschrijft; dat is wat de theorie betekenis geeft. Daarom is wiskunde geen wetenschap en bestaat er niet zoiets als een wiskundige theorie.
en anderzijds dat zij door deze poging niet gefalsifieerd werd
Juist, precies, een
bevestiging. Vooruitgangen in de wetenschap worden ook gevormd door
bevestigingen van volstrekt nieuwe, doldwaze, voorspellingen van nieuwe theorieen, niet door de hondervoudige falsificatie van triviale tegenwerpingen. Aan een vallende appel meten om te proberen de relativiteitstheorie te falsificeren en zien dat de theorie die poging tot falsificatie weerstaat, voegt niets aan ons vertrouwen in de theorie toe. De bevestiging van een nog niet eerder waargenomen, door de theorie voorspeld, verschijnsel daarentegen, versterkt ons vertrouwen. Meestal omdat er ondertussen een bepaalde stelling wordt verworpen, zoals in dit geval 'de snelheid en levensduur van een deeltje zijn onafhankelijk', terwijl dat, precies zoals je zegt, helemaal niet de reden was om met deze theorie te komen. Het is een stelling die volstrekt onafhankelijk van het doel dat Einstein had door hem impliciet werd verworpen en juist daarom is het de bevestiging van de juistheid van die verwerping, niet de falsificatie van de traditionele stelling, die de vooruitgang brengt.
Het demarcatiecriterium blijft falsifieerbaarheid, en een theorie blijft een voorlopige beschrijving van de werkelijkheid, per definitie in overeenstemming met de beschikbare data.
Het falsificationisme heeft problemen genoeg. Zo weet je bij zuiver falsificationisme nooit of je nu de theorie zelf moet verwerpen of een achtergrondaanname. Weerleggingen kunnen vaak naar een gebrek in de meetapparatuur worden verschoven en dat gebeurt dus ook. Het aantal aannames dat je moet doen op waarnemingen mogelijk te maken, maakt het moeilijk te beoordelen welke aanname nu gefalsificeerd is. Daarnaast is het maar goed dat men geen orthodox falsificationisme heeft bedacht voor Newton, want dan was zijn zwaartekrachtstheorie nooit geaccepteerd. Die is namelijk in het begin diverse keren weerlegd en het heeft jaren geduurd voor men de oorzaak daarvoor op experimentele problemen kon schuiven. Later is zij weerlegd door afwijkingen in de baan van Mercurius, maar toen liet de wetenschappers haar gelukkig niet in de steek. Het heeft tot de vorige eeuw geduurd voor die discrepantie verklaard werd. Volgens het falsificationisme had men Newtons theorie moeten laten vallen.
De voorspelling dat de zon morgen opkomt is op zich dan ook van generlei theoretische waarde. Die voorspelling is afgeleid uit een theorie die veel meer beweert dan dat de zon morgen opkomt, zodat er veel meer ontkracht wordt wanneer dat niet het geval is dan alleen die voorspelling.
Je propageert zelf falsificationisme; dan is waarnemingen doen om de hypothese dat de zon niet op zal komen te bevestigen toch een poging tot falsificatie? De voorspelling dat de zon morgen opkomt is van heel veel theoretische waarde, want als zij niet op zou komen, zou de theorie volledig verworpen zijn. De verwerping van de meest triviale voorspelling is de meeste vernietigende verwerping.