Ik heb morgen een toets van Java en nu zat ik net een proeftoets door te nemen. Hier kwam ik niet uit een aantal beweringen, en een vriend van mij wist het ook niet. Dus kom ik bij jullie met de vraag of jullie het antwoord op onderstaande beweringen weten?? Het zijn gewoon ja/nee vragen.
Bewering 1:
In een klasse mag een methode met dezelfde naam en dezelfde parameters voorkomen als een methode in een andere klasse.
Bewering 2:
System.out.println() is een voorbeeld van een methode die static gedefiniëerd is.
Bewering 3:
Wil men de methoden van een klasse gebruiken, dan zal er altijd eerst een object van deze klasse gecreëerd moeten worden.
Bewering 4:
Voor het overbrengen van de waarden van de parameters x en y van een HTML-bestand naar respectievelijk de variabelen c en d van een applet met de naam LeesApplet dienen de volgende instructies in ieder geval gebruikt te worden:
c=getParameter("x");
d=getParameter("y");
Bewering 5:
Locale variabelen worden na het beëindigen van een methode vernietigd.
Bewering 6:
Bij grid-lay-out kan één dimensie van het grid bepaald worden door Java aan de hand van de elementen die op het scherm geplaatst moeten worden.
Bewering 7:
De parameters in de kopregel van een methodedeclaratie worden aangeduid als formele parameters.
Bewering 8:
Als een object van een klasse een methode start die in ditzelfde object public gedefiniëerd is, dan volgt een foutmelding.
Bewering 9:
De instructie g.drawString("Dit is een\"mooie\" toets.\n",10,10); levert op het beeldscherm de zin:
Dit is een "mooie" toetsn.
Bewering 10:
Twee strings a en b zijn aan elkaar gelijk te maken met behulp van de uitdrukking:
a.equals(b);
Dit waren de antwoorden die ik dacht:
1 Nee
2 Nee
3 Ja
4 Ja
5 Nee
6 Nee
7 Ja
8 Nee
9 Ja
10 Ja
Wat zijn jullie antwoorden op deze beweringen????
Bewering 1:
In een klasse mag een methode met dezelfde naam en dezelfde parameters voorkomen als een methode in een andere klasse.
Bewering 2:
System.out.println() is een voorbeeld van een methode die static gedefiniëerd is.
Bewering 3:
Wil men de methoden van een klasse gebruiken, dan zal er altijd eerst een object van deze klasse gecreëerd moeten worden.
Bewering 4:
Voor het overbrengen van de waarden van de parameters x en y van een HTML-bestand naar respectievelijk de variabelen c en d van een applet met de naam LeesApplet dienen de volgende instructies in ieder geval gebruikt te worden:
c=getParameter("x");
d=getParameter("y");
Bewering 5:
Locale variabelen worden na het beëindigen van een methode vernietigd.
Bewering 6:
Bij grid-lay-out kan één dimensie van het grid bepaald worden door Java aan de hand van de elementen die op het scherm geplaatst moeten worden.
Bewering 7:
De parameters in de kopregel van een methodedeclaratie worden aangeduid als formele parameters.
Bewering 8:
Als een object van een klasse een methode start die in ditzelfde object public gedefiniëerd is, dan volgt een foutmelding.
Bewering 9:
De instructie g.drawString("Dit is een\"mooie\" toets.\n",10,10); levert op het beeldscherm de zin:
Dit is een "mooie" toetsn.
Bewering 10:
Twee strings a en b zijn aan elkaar gelijk te maken met behulp van de uitdrukking:
a.equals(b);
Dit waren de antwoorden die ik dacht:
1 Nee
2 Nee
3 Ja
4 Ja
5 Nee
6 Nee
7 Ja
8 Nee
9 Ja
10 Ja
Wat zijn jullie antwoorden op deze beweringen????
[ Voor 3% gewijzigd door MarcoZ20 op 09-07-2003 15:32 ]