Okee. Ik heb een paar jaar geleden een notitie geschreven voor ondernemers over internet. Juist zij -directeuren- hebben geen tijd om te internetten, terwijl hun werknemers al heftig on-line zijn. Ik paste hieronder mijn complete verhaal. Misschien dat je er iets van kunt gebruiken. Het is op sommige plekken wel wat gedateerd, maar je krijgt het helemaal GRATIS!!!
=====================================
1. Wat is het Internet?
Er zijn tal van boeken te koop over het Internet. Zelfs op Internet zelf kunt u vinden wat het Internet nu precies betekent. In deze beschrijving zal ik mij echter beperken tot de meest essentiële punten: 1) wat is het precies, 2) wat moet u ermee, en 3) wat kunt ú ermee?
In de eerste plaats is het Internet de grootste informatiebron ter wereld. Het is een digitale omgeving waarin computers over de hele wereld met elkaar kunnen communiceren, informatie kunnen uitwisselen. Zeg maar: de grootste encyclopedie die u zich maar kunt voorstellen. Duizenden grote, krachtige computers (‘servers’ genoemd) zijn aan elkaar gekoppeld. Elke server is opnieuw gekoppeld aan duizenden, beter nog tienduizenden computers van mensen of bedrijven die hun informatie via het Internet aan de wereld willen aanbieden. Zo ontstaat een koppeling tussen miljoenen aanbieders van informatie. Die informatie bestaat uit tekst, stilstaand en bewegend beeld, en geluid.
Ook ú kunt die informatie aan via uw computer, over werkelijk alle onderwerpen. Bijvoorbeeld over personeelsmanagement, ww-premies, arbeidsvoorziening, techniek, het weer, het laatste nieuws, muziek, theater, de beurs, zeilboten, voetbal, auto’s, fanfares, en nog veel meer.
2. Het verleden
Internet is eigenlijk een product van de Koude Oorlog. Aan het eind van de jaren zestig wilden de Amerikanen hun supercomputercentra met elkaar verbinden. Maar dat diende op zo'n ma-nier te gebeuren dat de verbinding niet zou worden verbroken bij een Russische aanval. Het ministerie van Defensie pompte miljoenen dollars in de zoektocht naar een ‘veilig’ netwerk. Uiteindelijk ontwikkelde men een netwerk, waarbij informatie altijd kan worden uitgewisseld, zelfs als de rechtstreekse verbinding tussen twee computers wordt verbroken. In 1970 werd deze militaire technologie voor het eerst uitgeprobeerd in de communicatie tussen vier Ameri-kaanse universiteiten. Eigenlijk een misrekening, want via de universiteiten kwam het systeem in de burgerwereld terecht. Tal van netwerken schoten als paddestoelen uit de grond. Al die netwerken verbonden zich uiteindelijk aan elkaar, zodat er nu één wereldwijd omvattend informatiesysteem van talloze gekoppelde netwerken bestaat: het Internet.
3. Het heden
Op dit moment hebben miljoenen mensen over de hele wereld toegang tot de informatie op Internet. De laatste berekeningen laten zien dat er alleen al in Nederland 3,8 miljoen mensen thuis of via hun werk toegang tot Internet hebben. Hun leeftijd is gemiddeld 33 jaar, en zo’n driemaal per week brengen ze een bezoek aan Internet (info van enkele jaren geleden...

). Ruim een half miljoen Nederlanders heeft zelfs wel eens een product via Internet gekocht, want ook dat is mogelijk.
Nu doet het volgende vreemde fenomeen zich voor. Men kan zich voorstellen dat bedrijven en instellingen graag hun informatie via zoveel mogelijk wegen willen aanbieden, waaronder Internet. Daar is niets vreemds aan. Wél frappant is dat miljoenen particulieren hun hele hebben en houden via Internet verspreiden. Zoals informatie over zichzelf, het bedrijf waar ze werken, hun kinderen, hobby’s, huisdieren, compleet met foto’s en van alles en nog wat. Een openheid die je zelfs in het dagelijks leven zelden tegenkomt.
De vraag is: waarom doen die mensen dat? Deels is dat uit ijdelheid: het feit dat iedereen met Internet-toegang hun informatie kan bereiken. Deels gewoon voor de lol: de kick dat je op een relatief goedkope manier miljoenen mensen kunt bereiken. En deels is dat vanuit het natuurlijke verlangen van de mens om met elkaar te communiceren over gemeenschappelijke interesses. En dit is ook direct de meest belangrijke reden, omdat communicatie leidt tot kennisvergroting, die vervolgens weer via Internet aan de wereld wordt bekend gemaakt.
Op die manier (door de informatie-inbreng vanuit bedrijven, instellingen én particulieren) heeft het Internet zich ontwikkeld tot de grootste en meest actuele encyclopedie ter wereld, over alle mogelijke onderwerpen, waarbij de informatie ook nog eens heel snel digitaal kan worden uitgewisseld. Hoe u die informatie in de praktijk kunt bereiken, komt zodadelijk aan bod.
4. De toekomst
Hoe nieuw ook, Internet is echt geen modegril. Sterker nog: er is geen toekomst meer denkbaar zónder Internet. In de eerste plaats vanwege de enorme hoeveelheid waardevolle informatie die op Internet te vinden is. Maar ook omdat computers in het algemeen steeds meer in het dagelijks leven worden geïntegreerd, en voor een verbinding met de buitenwereld zijn aangewezen op het Internet. Bijvoorbeeld, en dit is al bijna realiteit: de Internet-koelkast. Wilt u als amateur-kok een lekker gerecht bereiden, dan zoekt u via Internet het recept op. De computer in de koelkast controleert vervolgens of u over de benodigde ingrediënten beschikt. Is dat niet het geval, dan worden deze ontbrekende ingrediënten automatisch door de computer via Internet besteld én afgerekend. U kunt zich een vergelijkbare situatie in het bedrijfsleven voorstellen.
Kortom, Internet wordt alleen nog maar belangrijker en zal zeker voor het bedrijfsleven binnen heel korte tijd een essentieel onderdeel van het dagelijks zakelijk leven zijn.
5. De onderdelen van Internet
Met het begrip ‘Internet’ spreken we over meer dan één digitale activiteit. De belangrijkste onderdelen van Internet zijn:
1. Het world wide web (de afkorting www vindt u aan het begin van vrijwel elk Internet-adres); dit is de wereldwijde informatievoorziening waar ik zojuist op doelde.
2. Het tweede belangrijke onderdeel is e-mail, voluit electronic mail, uw digitale postbus. Per e-mail kunt u via Internet post versturen en ontvangen vanuit de hele wereld. Razendsnel, zonder postzegel, en zonder dat u achter uw bureau vandaan hoeft. Een bericht vanuit Amsterdam naar New York is er binnen enkele minuten en soms slechts enkele seconden.
6. Hoe komt u ‘op Internet’?
Er zijn twee manieren om, zoals dat heet, ‘het Internet op te gaan’. Eenvoudig gezegd: 1) als gast, en 2) als gastheer. ‘Gast’ betekent dat u op zoek bent naar informatie. ‘Gastheer’ betekent dat u ook zélf informatie via Internet aanbiedt.
7. ‘Gast’ op Internet
Wilt u als gast ofwel bezoeker informatie raadplegen op Internet, dan heeft u daar de volgende dingen voor nodig:
Computer. Bij voorkeur een redelijk snelle computer, omdat veel digitale informatie moet worden verwerkt.
Modem. Hardware in de computer die het mogelijk maakt om een externe verbinding met een andere computer te maken, via bijvoorbeeld een telefoonlijn. Ook het modem moet ‘snel’ zijn, d.w.z. grote hoeveelheden digitale informatie kunnen verwerken.
Internet-abonnement. Vergelijkbaar met een abonnement op een tijdschrift. U betaalt en mag het tijdschrift lezen. Voor Internet betaalt u het abonnement aan een zogenaamde ‘provider’, via wiens computer (de ‘server’) u toegang krijgt tot het Internet. Deze abonnementen worden door onderlinge concurrentie steeds goedkoper en kosten nu gemiddeld tien gulden per maand. U kunt dan niet alleen het world wide web op, maar krijgt ook een elektronische postbus bij die provider: uw e-mail account, met de mogelijkheid om verschillende ‘postvakjes’ aan te maken. Bijvoorbeeld een specifiek e-mail adres voor u zelf, maar bijvoorbeeld ook een algemeen e-mail adres, of adressen op naam van uw medewerkers of afdelingen. Een e-mail adres is altijd te herkennen aan het zogenaamde ‘apenstaartje’ (@), dat in feite als het Engelse woord ‘at’ moet worden uitgesproken. Er zijn overigens Internet-abonnementen die geheel gratis zijn, inclusief e-mail adres, maar voor bedrijven is dit vooralsnog niet in alle gevallen aan te raden. Vaak hapert er nogal wat aan de techniek bij die providers, en kan uw Internet-verkeer daardoor wel eens stil komen te liggen.
Telefoonlijn. Om de verbinding tot stand te brengen, ook mogelijk via kabel, ADSL en GSM. U kunt zolang op Internet blijven als u wilt, maar u betaalt wel de normale telefoontikken tegen lokaal tarief. Dit geldt niet voor een verbinding via de kabel of ADSL. Die verbinding is gratis, waarbij u overigens wel hogere abonnementsgelden betaalt.
Software. Wordt meestal gratis meegeleverd door uw provider bij het afsluiten van een abonnement, of is al op uw computer geïnstalleerd. U heeft een softwareprogramma nodig om het world wide web te doorzoeken (‘browser’ genoemd) en een programma om uw e-mail te lezen. Populaire programma’s hiervoor zijn Microsoft Internet Explorer en Netscape Communicator. Er zijn ook andere gratis browsers op Internet te vinden.
Dit lijkt allemaal vrij intensief, maar in de meeste gevallen komt het erop neer dat u een provider kiest, een CD-Rom krijgt opgestuurd met zichzelf installerende programma’s en wat gegevens op uw computer intoetst. Vervolgens kunt u direct als gast het Internet op. Veruit de meeste Internet-gebruikers zijn ‘gast’ op Internet aanwezig en bieden dus geen informatie aan.
8. ‘Gastheer’ op Internet
Interessanter wordt het wanneer u als bedrijf niet alleen gast maar ook gastheer bent, dus ook informatie aanbiedt aan anderen. Daarvoor heeft u in de eerste plaats dezelfde items nodig als hierboven genoemd, dus: computer, modem, Internet-abonnement, telefoonlijn en software. Het blijft immers noodzakelijk dat u uw eigen informatie via Internet kunt bezoeken en dat u kunt communiceren met uw ‘gasten’.
Verder krijgt u te maken met een aantal nieuwe begrippen, die ik hieronder kort zal toelichten.
Website. Ook wel Internet-site of Internet-pagina genoemd. Uw eigen website bevat alle informatie die u via Internet wilt laten zien. Technisch gezien is een website een directory op de computer (server) van uw provider, die speciaal voor uw bedrijf is aangemaakt. Al uw informatie voor Internet wordt daar digitaal opgeslagen en is zo voor de hele wereld beschikbaar.
Homepage. Dit is de start- of welkomstpagina van uw website.
Domeinnaam. De geregistreerde en unieke naam van uw website (ook wel webadres genoemd). Die naam mag u zelf bepalen. Heet uw bedrijf bijvoorbeeld ‘Sneltransport Koe-riers’, dan kunt u kiezen voor de domeinnaam ‘www.sneltransport.nl’. Het voorvoegsel ‘www’ staat voor het eerder genoemde world wide web, waarop uw website wordt gepubliceerd. Het achtervoegsel ‘.nl’ staat voor het domein waar uw naam is geregistreerd, in dit geval Nederland (.nl). Zo heeft vrijwel elk land zijn eigen domeinaanduiding: Duitsland (.de), België (.be), Verenigd Koninkrijk (.uk) etcetera. Dit betekent overigens niet dat uw website alleen door bijvoorbeeld Nederlandse Internet-gebruikers te bezoeken is. Het betekent wél dat uw geregistreerde domeinnaam uniek is in het door u gekozen domein en niet door anderen gebruikt kan worden. Bijvoorbeeld: is er een ander bedrijf dat ‘Sneltransport Jansen’ heet, dan zal dat bedrijf niet uw geregistreerde domeinnaam ‘www.sneltransport.nl’ mogen gebruiken, maar iets anders moeten verzinnen. Men zou een andere domeinaanduiding kunnen kiezen, bijvoorbeeld ‘www.sneltransport.de’ (Duitsland), maar dit is nogal onzinnig als het bedrijf alleen maar in Nederland is gevestigd.
Overigens is het ook mogelijk om uw website wereldwijd te laten registreren. In dit geval krijgt u als domeinaanduiding het achtervoegsel ‘.com’. Dit is wat duurder, maar niemand ter wereld mag dan uw domeinnaam ‘www.sneltransport.com’ gebruiken. Wél mag men dan weer de naam ‘www.sneltransport.nl’ gebruiken, als u die tenminste nog niet zelf heeft laten registreren. Omdat u als bedrijf in Nederland opereert, is de keuze voor het domein ‘.nl’ het meest vanzelfsprekend. Bij de communicatie rondom uw website weet men dan ook meteen dat u een Nederlands bedrijf bent. Het kiezen van een goede en voor de hand liggende domeinnaam is uiterst belangrijk. Dit heeft te maken met de manier waarop mensen op Internet naar informatie zoeken. Hier kom ik later op terug.
Domeinnaamregistratie. De registratie van uw domeinnaam staat in principe los van het Internet-abonnement dat u als ‘gast’ al bij een provider had afgesloten. De daadwerkelijke registratie voor het .nl-domein gebeurt door de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland, maar moet altijd lopen via een zogenaamde ‘host-provider’. Slechts sommige reguliere providers zijn host-providers. In de meeste gevallen zult u via een gespecialiseerde host-provider uw domeinnaam moeten laten registreren. Op de computer (server) van die host-provider komen ook uw digitale bestanden met bedrijfsinformatie te staan. De meeste host-providers bieden uitsluitend deze service en bieden dus geen normale Internet-abonnementen aan. Daar heeft u weer uw reguliere provider voor nodig. Overigens bieden deze reguliere providers ook een soort domeinnaam aan en ruimte op hun computer voor uw bestanden. Maar meestal krijgt uw website dan een wat rare en amateuristisch aan-doende naam zoals ‘www.worldonline.nl/users/~sneltransport/’.
Vanaf dit moment staat u voor een keuze: u kunt proberen zélf uw informatie op Internet te zetten of u huurt een daartoe gespecialiseerd bedrijf in (meestal een reclamebureau). In de meeste gevallen is het aan te raden om dit werk uit te besteden. Een amateuristisch ogende of trage Internet-pagina weerhoudt mensen ervan uw informatie te raadplegen en komt uw bedrijfsimago niet ten goede. Hoe eenvoudig het tegenwoordig ook wordt voorgesteld (met veel software-programma’s kunt u ‘in een handomdraai’ uw eigen website creëren…), er is veel kennis en creativiteit voor nodig om een professionele website te ‘bouwen’. Bovendien wordt uw Internet-informatie op alle soorten computers en beeldschermen bekeken, waarmee de ontwerper van een website rekening te houden heeft. Doet u voor kostenbesparing beslist geen zaken met een bedrijfje ‘om de hoek’ voor 5.000 gulden, want dan kunt u het net zo goed zelf doen. Een professionele webdesigner rekent gemiddeld 10.000 tot 20.000 gulden voor het ontwerp van uw site en het publiceren op Internet.
9. 24 uur on-line?
Sommigen denken dat zij als aanbieder van een website hun eigen computer 24 uur per dag aan moeten hebben staan, inclusief modemverbinding. Dit is echter niet nodig. Uw informatie (tekst, beeld en geluid) wordt door uzelf of uw reclamebureau immers op de server van uw provider opgeslagen. Deze computer is wél altijd ‘on-line’, en uw informatie dus ook.
10. Snelheid van uw site
Biedt u informatie aan via Internet, dan zijn er twee zaken waar u absoluut rekening mee moet houden. Het maakt daarbij niet uit of u de website zelf maakt of laat maken door een bureau.
Het eerste is de snelheid van uw site. De communicatie via Internet verloopt via een modem en een telefoonlijn (of kabel/ADSL) en is over het algemeen traag, zeker op de drukke uren waarin veel mensen op Internet aanwezig zijn. U kunt de mooiste website ter wereld willen hebben, met bewegende beelden, foto’s, geluid, maar dat is veel te veel digitale informatie voor de trage modemverbinding. Bezoekers van uw website moeten alle informatie ‘laden’ via de modemverbinding. Duurt dit te lang, dan haken bezoekers af en bent u wellicht een potentiële klant, partner of werknemer kwijt. U kunt echt geen bedrijfspresentaties maken zoals ze soms wel op een CD-Rom worden gemaakt. Internet is daarvoor niet geschikt. Houd het dus simpel, maar wel aantrekkelijk om te zien. Dit staat of valt met een goede, slimme vormgeving en een ervaren Internet-designer.
11. Structuur van uw site
Het tweede belangrijke punt waarmee u rekening moet houden is de structuur, ofwel opbouw van uw site: is het direct duidelijk wat er op uw site allemaal te zien is, kan men goed ‘navigeren’ tussen de verschillende pagina’s op uw site, kan men weer gemakkelijk terug naar de welkomst- of startpagina (homepage) van uw site? Ook hier is de ervaring van een deskundige zeer welkom.
12. Het vinden van de informatie … én uw site
De vraag die nog niet aan de orde is geweest is: hoe vindt u eigenlijk de informatie op Internet die u zoekt? Dat kan op twee manieren. Ten eerste via zogenaamde ‘zoekmachines’, in het Engels ook ‘search engines’ genoemd. Dit zijn providers die zich vrijwel geheel hebben gespecialiseerd in het zoeken naar informatie en daarvoor de software hebben ontwikkeld.
Voorbeelden zijn: Google, Altavista, Yahoo, Lycos, Vindex, Ilse. U vindt ze meestal gemakkelijk op Internet door bijvoorbeeld in te toetsen ‘www.google.nl’ of ‘www.vindex.nl’. Hier vindt u een venster waarin u het trefwoord of meerdere trefwoorden kunt intoetsen. Er zijn ook altijd help-menu’s voor als u er niet helemaal uitkomt. Op basis van de door u ingegeven trefwoorden gaat de zoekmachine speuren naar websites die deze trefwoorden bevatten en geeft die in een lijst aan waarop u vervolgens kunt klikken. En schrik niet: dat zijn er meestal honderden of zelfs duizenden! Daarom is het belangrijk dat u uw zoekcriteria zo nauwkeurig mogelijk aangeeft. Hoe dat kan, staat ook in de help-menu’s op de site van de betreffende zoekmachine.
De tweede manier om informatie te zoeken of een website te bezoeken is door het direct intypen van de domeinnaam in het venster van uw Internet-programma (browser). Dit geeft ook meteen aan waarom een goede, logische domeinnaam zo belangrijk is. Bijvoorbeeld: wilt u de pagina van ANWB bezoeken, dan is de logische domeinnaam ‘www.anwb.nl’ (omdat het een organisatie is die alleen in Nederland opereert). En u komt inderdaad op de ANWB-site terecht. Had de ANWB een andere domeinnaam gekozen zoals bijvoorbeeld ‘www.anwb-auto.nl’, dan is die naam dus niet logisch en komt u via het intypen van ‘www.anwb.nl’ dus niet bij hun informatie terecht. Dit kan dus bezoekers kosten, omdat men misschien geen zin heeft om de website via de wat omslachtigere zoekmachines op te zoeken.
Door uw logische domeinnaam goed te communiceren in al uw uitingen zal men de site wel kunnen vinden. Ook zal de webdesigner goede codes aan de site moeten meegeven, zodat de pagina gemakkelijk via de zoekmachines kan worden gevonden.
13. Het nut voor de uw bedrijf
U heeft gelezen wat Internet is en hoe je ermee moet omgaan. Maar de belangrijkste vraag is nog niet beantwoord: wat heb je eraan???
In de eerste plaats is communicatie het grootste goed voor de uw bedrijf. U kunt belangrijk werk achter de schermen doen, maar als dit niet naar buiten wordt gebracht heeft u er nog weinig aan als het gaat om de uitstraling van uw bedrijf. De traditionele communicatiemiddelen zijn uitstekend, maar over het algemeen wel duur en statisch in de zin van tijdgebonden. Daarnaast komt die informatie alleen terecht bij de mensen die u zich kunt bedenken, en niet bij anderen die misschien ook in de informatie zijn geïnteresseerd. Internet kent deze beperkingen niet. Het is eigenlijk spotgoedkoop (afgezien van de aanloop-ontwerpkosten), u kunt elke informatie aanbieden die u wilt, het eruit laten zien zoals u dat wilt, en u kunt de informatie à la minute en helemaal gratis actualiseren. Een enorm voordeel is ook dat bezoekers van een website zelf kunnen bepalen wat ze willen zien door het aanklikken van de onderwerpen (daarom is een goede structuur van belang). Er wordt vaak gezegd: niet teveel tekst op een Internet-pagina. Dat klopt wel voor de algemene pagina’s op uw site. Maar als we bijvoorbeeld een compleet onderzoek van 50 A4-tjes op Internet willen zetten, dan is dat ook mogelijk. Bezoekers die hier niet in zijn geïnteresseerd, klikken gewoon het onderwerp niet aan.
Een ander groot voordeel van een eigen Internet-abonnement is de besparing op bureaukosten. Nu stuurt u waarschijnlijk een paar duizend poststukken per jaar de deur uit met postzegels van minimaal 39 cent, maar meestal meer. Als die post elektronisch zou kunnen worden verspreid (rechtstreeks via e-mail of on-line bekijken via de website) scheelt dat duizenden guldens aan porti, papier, kopieerkosten en tijd. Met andere woorden: de ontwerpkosten voor de Internet-site zijn binnen 2 of 3 jaar terugverdiend. De terugverdientijd van de overige kosten (abonnement, registratie en host domeinnaam) is haast verwaarloosbaar klein. En dan is nog niet eens de winst meegenomen die u kunt krijgen doordat bezoekers van uw website enthousiast raken en hun onderhoud bij een van de leden onderbrengen.
Kortom: er is geen reden voor uw bedrijf om níet ‘op Internet’ te gaan.