Evolutie is een veel gebruikt en misbruikt onderwerp in discussies op dit forum. Evolutie heeft betrekking op soorten en niet individuele levensvormen. Evolutie heeft geen doel, het is een mechanisme. Soorten hebben geen overlevingsstrategie. De Evolutieleer stelt dat soorten veranderen en overleven doordat beter aangepaste leden meer kans hebben om zich voort te planten, de survival of the fittest.
Een van de grootste manco's van de evolutietheorie is dat het geen oog heeft voor overaanpassing. Er zijn drie manieren waarop soorten kunnen uitsterven.
1 gebrek aan aanpassing
2 overaanpassing, waardoor de soort haar identiteit verliest
3 overaanpassing, waardoor de soort een radicale omgevingsverandering niet overleefd
survival of the fittest is slechts een middellange termijn mechanisme. Op lange termijn zijn echter 2 en 3 de belangrijkste reden voor uitsterven van soorten. De dinosaurus is uitgestorven nadat zij (3)zich zo zeer had aangepast dat zij deels door overspecialisatie een radicale verandering in de omgeving niet meer kon overleven en (2)deels veranderde tot onherkenbaarheid (als vogel).
De krokodil, schildpad, en haai zijn voorbeelden van zeer complexe soorten die zich vrijwel niet aanpassen aan het heersende millieu maar wel heel flexibel zijn en daardoor ook de grote veranderingen zonder verlies van identiteit konden overleven. Op lange termijn is dus niet belangrijk om je als soort aan te passen. Veel belangrijker is het om je flexibiliteit te behouden. Overaanpassing leidt tot uitsterven door het verlies van flexibliteit.
De mensheid als soort kan op alle drie de manieren uitsterven. (1) Doordat wij onvoldoende kunnen concurerren met machinewezens of gemuteerde organische wezens. (2)Doordat wij zodanig aan ons zelf knutselen dat wij in iets geheel anders veranderen. (3) Doordat wij zozeer afhankelijk zijn/worden van de (mede door ons zelf gecreerde) omgeving, dat wij mee ten ondergaan met de instorting daarvan.
Het leuke is dat je deze conclusies volgens mij met enige fantasie ook toe kunt passen in een andere context, waarin je soorten vervangt door veranderlijke entiteiten bestaande uit elementen die met elkaar concurreren. Bijvoorbeeld:
A beschavingen/culturen
B ondernemingen/bedrijven
C persoonlijkheden/levensvisies
Evolutie heet geen doel, maar wij kunnen de conclusies wel gebruiken bij overlevingsstrategien voor zulke entiteiten.
Welk entiteit overleeft het beste?:
- Een entiteit die in belangrijke mate onveranderlijk is
- Een entiteit die in de kern flexibel is
- Een entiteit die zich slechts oppervlakkig aanpast
Ad A. Door het bewustzijn van de intelligente mens is een hele nieuwe type omgeving ontstaan met een daarbij horende evolutie: de ideeenevolutie. Mensen hoeven niet te sterven om de soort te laten leren, zij kunnen hun ideeen als het ware voor hen laten sterven. De beste ideeen overleven. De culturen nemen in deze omgeving de rol van soorten aan, zij zijn de grote gemene deler van de ideeen van een grote groep individuen. Culturen die flexibel zijn maar een sterke onveranderlijke kern hebben, overleven het langst. Bijvoorbeeld: Japanners, Chinezen, Joden. culturen die onvoldoende kunnen aanpassen(aborigonals) of culturen die overaanpassen (bijv, de Filistijnen en Nederlanders) verdwijnen. Ik verwacht dat de Nederlandse cultuur binnen 100-200 jaar volledig opgelost is in de multi-nationale, multi-culturele samenleving, maar dat chinezen en turken nog steeds als groep herkenbaar zullen zijn.
Ad B. Bedrijven kun je zien als entiteiten opgebouwd uit produkten die concurreren. Een bedrijf als Philips kun je vergelijken met een schildpad, log en traag, zich beperkt aanpassend aan de marktomgeving, maar met een harde kern en een enorme flexibliteit door geweldige researchcapaciteiten en daardoor een echte overlever. Een bedrijf als KPN kun je zien als een overaanpasser, Na haar verzelfstandiging heeft ze een agressief produktbeleid van marktaanpassing gevolgd, culminerend in het UMTS-avontuur. Toen de marktomgeving plots veranderde werd ze met uitsterven bedreigd. DSM (de staatsmijnen) kun je zien als een bedrijf dat zo sterk veranderd is, dat het haar oorspronkelijke identiteit verloren heeft.
Ad C. Ook je eigen persoonlijkheid kun je zien als een entiteit opgebouwd uit opvattingen. Sommige opvattingen sterven, andere overleven in de discussie met anderen. Ook bij je persoonlijkheid dreigen de gevaren van ondergang door inflexibiliteit en overaanpassing. Om als geheel overeind te blijven is het belangrijk dat kern stabiel, maar flexibel is. Een opmerking van een franse leraar blijft mij bij. Hij zei: Pas op: elk goed boek van meer dan 100 bladzijden leidt tot een blijvende verandering van je persoonlijkheid. Toen ik eens een boek over boedisme las bracht mij dat behoorlijk uit balans en begreep ik wat hij bedoelde.
Ook als persoonlijkheid is de schildpadstrategie een goede overlevingsstrategie. Overaanpassing moet je vermijden. Overaanpassing kan ontstaan als te veel betekenisvolle informatie in een keer tot je neemt. Een goed boek is als een calorierijke maaltijd. In plaats van het verslinden van grote hoeveelheden hiervan, doe je er beter aan om je maaltijden met zorg te kiezen en goed te kauwen (zelf denken). Zo blijf je slank (flexibel) en vermijd je het gevaar van overaanpassing.
Samenvattend mijn stelling:
- De evolutietheorie deugt alleen op middellange termijn, op lange termijn is het eerder omgekeerd.
- De daarmee samenhangende ideeen kun je bij allerlei overlevingsstrategien in andere gebieden toepassen.
Een van de grootste manco's van de evolutietheorie is dat het geen oog heeft voor overaanpassing. Er zijn drie manieren waarop soorten kunnen uitsterven.
1 gebrek aan aanpassing
2 overaanpassing, waardoor de soort haar identiteit verliest
3 overaanpassing, waardoor de soort een radicale omgevingsverandering niet overleefd
survival of the fittest is slechts een middellange termijn mechanisme. Op lange termijn zijn echter 2 en 3 de belangrijkste reden voor uitsterven van soorten. De dinosaurus is uitgestorven nadat zij (3)zich zo zeer had aangepast dat zij deels door overspecialisatie een radicale verandering in de omgeving niet meer kon overleven en (2)deels veranderde tot onherkenbaarheid (als vogel).
De krokodil, schildpad, en haai zijn voorbeelden van zeer complexe soorten die zich vrijwel niet aanpassen aan het heersende millieu maar wel heel flexibel zijn en daardoor ook de grote veranderingen zonder verlies van identiteit konden overleven. Op lange termijn is dus niet belangrijk om je als soort aan te passen. Veel belangrijker is het om je flexibiliteit te behouden. Overaanpassing leidt tot uitsterven door het verlies van flexibliteit.
De mensheid als soort kan op alle drie de manieren uitsterven. (1) Doordat wij onvoldoende kunnen concurerren met machinewezens of gemuteerde organische wezens. (2)Doordat wij zodanig aan ons zelf knutselen dat wij in iets geheel anders veranderen. (3) Doordat wij zozeer afhankelijk zijn/worden van de (mede door ons zelf gecreerde) omgeving, dat wij mee ten ondergaan met de instorting daarvan.
Het leuke is dat je deze conclusies volgens mij met enige fantasie ook toe kunt passen in een andere context, waarin je soorten vervangt door veranderlijke entiteiten bestaande uit elementen die met elkaar concurreren. Bijvoorbeeld:
A beschavingen/culturen
B ondernemingen/bedrijven
C persoonlijkheden/levensvisies
Evolutie heet geen doel, maar wij kunnen de conclusies wel gebruiken bij overlevingsstrategien voor zulke entiteiten.
Welk entiteit overleeft het beste?:
- Een entiteit die in belangrijke mate onveranderlijk is
- Een entiteit die in de kern flexibel is
- Een entiteit die zich slechts oppervlakkig aanpast
Ad A. Door het bewustzijn van de intelligente mens is een hele nieuwe type omgeving ontstaan met een daarbij horende evolutie: de ideeenevolutie. Mensen hoeven niet te sterven om de soort te laten leren, zij kunnen hun ideeen als het ware voor hen laten sterven. De beste ideeen overleven. De culturen nemen in deze omgeving de rol van soorten aan, zij zijn de grote gemene deler van de ideeen van een grote groep individuen. Culturen die flexibel zijn maar een sterke onveranderlijke kern hebben, overleven het langst. Bijvoorbeeld: Japanners, Chinezen, Joden. culturen die onvoldoende kunnen aanpassen(aborigonals) of culturen die overaanpassen (bijv, de Filistijnen en Nederlanders) verdwijnen. Ik verwacht dat de Nederlandse cultuur binnen 100-200 jaar volledig opgelost is in de multi-nationale, multi-culturele samenleving, maar dat chinezen en turken nog steeds als groep herkenbaar zullen zijn.
Ad B. Bedrijven kun je zien als entiteiten opgebouwd uit produkten die concurreren. Een bedrijf als Philips kun je vergelijken met een schildpad, log en traag, zich beperkt aanpassend aan de marktomgeving, maar met een harde kern en een enorme flexibliteit door geweldige researchcapaciteiten en daardoor een echte overlever. Een bedrijf als KPN kun je zien als een overaanpasser, Na haar verzelfstandiging heeft ze een agressief produktbeleid van marktaanpassing gevolgd, culminerend in het UMTS-avontuur. Toen de marktomgeving plots veranderde werd ze met uitsterven bedreigd. DSM (de staatsmijnen) kun je zien als een bedrijf dat zo sterk veranderd is, dat het haar oorspronkelijke identiteit verloren heeft.
Ad C. Ook je eigen persoonlijkheid kun je zien als een entiteit opgebouwd uit opvattingen. Sommige opvattingen sterven, andere overleven in de discussie met anderen. Ook bij je persoonlijkheid dreigen de gevaren van ondergang door inflexibiliteit en overaanpassing. Om als geheel overeind te blijven is het belangrijk dat kern stabiel, maar flexibel is. Een opmerking van een franse leraar blijft mij bij. Hij zei: Pas op: elk goed boek van meer dan 100 bladzijden leidt tot een blijvende verandering van je persoonlijkheid. Toen ik eens een boek over boedisme las bracht mij dat behoorlijk uit balans en begreep ik wat hij bedoelde.
Ook als persoonlijkheid is de schildpadstrategie een goede overlevingsstrategie. Overaanpassing moet je vermijden. Overaanpassing kan ontstaan als te veel betekenisvolle informatie in een keer tot je neemt. Een goed boek is als een calorierijke maaltijd. In plaats van het verslinden van grote hoeveelheden hiervan, doe je er beter aan om je maaltijden met zorg te kiezen en goed te kauwen (zelf denken). Zo blijf je slank (flexibel) en vermijd je het gevaar van overaanpassing.
Samenvattend mijn stelling:
- De evolutietheorie deugt alleen op middellange termijn, op lange termijn is het eerder omgekeerd.
- De daarmee samenhangende ideeen kun je bij allerlei overlevingsstrategien in andere gebieden toepassen.