Er zijn twee manieren, zoals hierboven al genoemd om grafisch je Linux bak te benaderen. De meest gebruikte en IMO ook de beste is via X (X wordt al jaaaaren op diverse unices gebruikt daarvoor).
Het begrip server is hierbij wat verwarrend. Je moet op je Linux-bak xfree86 draaien samen met xdm, gdm of kdm (hoeft niet perse, kom ik nog op terug). Dat zijn de display managers resp. voor X, Gnome of KDE (je kan xdm bijv ook met Gnome gebruiken, maar gdm of kdm ziet er wat gelikter uit).
Op je workstation waar je het spul wil binnen halen, draai je een X-server. Die X-server* doet niets, maar heeft wel een adres, bijv. workstation1:0.0 waarbij geldt dat workstation1 de naam is van die machine. 0:0 staat voor welk display je gebruikt (je kan er meerdere draaien).
Als je dmv XDMCP een verbinding maakt met je Linux machine, krijg je een inlogscherm (meestal fullscreen) en kun je inloggen en je dingen doen.
Als je geen display manager zoals xdm oid draait, kan je ook nog vanuit een telnet een xterm of andere grafische applicatie openen door op je workstation je X-server* te starten en vanuit de telnetsessie bijv xterm -display workstation1:0 uit te voeren.
In dit geval wordt slecht één venster doorgegeven naar je worktation.
*) X-servers zijn reflectionX, (r)exceed, win-aXe en (mijn favoriet) X-win-32. Waarschijnlijk zijn er wel meer, maar die weet ik zo niet uit mijn hoofd.
Canon EOS | DJI M2P
Fotoblog · Mijn werk aan jouw muur