Iemand mag me trouwens vraag 17 wel eens uitleggen, want ik snap de uitleg die
hier staat niet.
Vraag:
Vraag 17: In een teil water drijft een groot houtblok met daarop vastgelijmd een baksteen. Je draait het houtblok om, zodat de baksteen onder water aan het blok hangt. Wat gebeurt er met het waterpeil?
Antwoord:
"Volgens Archimedes is het watervolume dat door het drijvende blok verplaatst wordt afhankelijk van het gewicht van het blok. Als je het blok omdraait blijft het gewicht gelijk en dus ook het verplaatste watervolume. Het waterpeil blijft dus ook gelijk."
De baksteen was eerst niet in het water. Ik zou zeggen dat wanneer je het houtblok omdraait de baksteen dus in het water komt, dus meer volume inneemt, terwijl het gewicht ongeveer hetzelfde blijft. Dus het waterpeil zou dan stijgen omdat de baksteen volume inneemt. Waarom klopt dat niet? I don't get it.