ok, ik heb zelf een leuke theorie verzonnen over dimensies, tijd en krommingen:
Stel je hebt een 1-dimensionaal wezen dat in een 1-dimensionaal universum leeft. Stel dit universum voor als een recht touw. Het wezen kan alleen vooruit of achteruit bewegen over het touw. Dit touw heeft een begin en een einde.
Als je nu in de 2e dimensie dat touw kromt zodat het een circel is, heeft het touw nog steeds een begin en een einde, maar die zijn onzichtbaar geworden. Het wezen zal nu denken dat zijn universum oneindig groot is (als dit universum maar groot genoeg is, anders kan hij herhalingen detecteren).
Stel je hebt een 2-dimensionaal wezen dat in een 2-dimensionaal univerum leeft. Stel dit universum voor als een papiertje. Het wezen kan vooruit, achter, links en rechts bewegen over het papiertje. Ook dit papiertje heeft 4 randen waarna het ophoudt.
Als je nu in de 3e dimensie dat papiertje kromt, zodat het een bol is, heeft het papiertje nog steeds randen, maar die zijn onzichtbaar geworden. Het wezen zal nu denken dat zijn universum oneindig groot is.
Er kunnen echter ongeregeldheden voorkomen in de bol, maar als je het ene stukje oprekt en het andere inkrimpt, is er niets aan de hand. Totdat een wezen gaat proberen om via 2 wegen van A naar B te gaan (in zijn denkbeeldig recht vlak). Over een bol zijn deze afstanden gelijk, dus de tijd die het nodig heeft ook. Als je de bol weer uitklapt zal de ene weg een rechte lijn zijn, en de 2e weg een boog. Maar een 2-dimensionale Einstein heeft daar een leuke theorie voor en alles klopt weer. Dit gaat trouwes alleen op voor hele grote afstanden, dus van de ene kant van de bol naar de andere, waarbij op de bol allebei de wegen even lang zijn.
Stel je hebt een 3-dimensinaal wezen (de mens bijvoorbeeld) dat in een 3-dimensionaal universum leeft. Als ons universum in een 4e dimensie gekromd is, kan het lijken alsof ons universum 3-dimensionaal is, en oneindig, maar in werkelijkheid is dat dus niet.
Nu is er een 3-dimensionale Einstein die ook weer een leuke theorie heeft verzonnen voor alle ongeregeldheden die zich voordoen bij hele grote en snelle verplaatsingen en alles klopt weer.
Zo kan je de tijd ook opvatten als een x-de dimensie. Tijd is 1-dimensionaal, je kan alleen voor en achteruit (alleen kunnen wij nog niet achteruit). Tijd kan je weer zien als een touw. Stel in de (x+1)-de dimensie is de tijd gekromd naar een circel, niemand zal het merken en tijd is oneindig, zonder begin en einde. Als nu in die (x+1)-de dimensie het begin en het einde van tijd zo aan elkaar geplakt zijn dat het een vloeiende overgang is, valt het al helemaal niet meer op. Alles blijft zich dus steeds herhalen.
Maar een aardig puntje:
Als dat 1-dimensionale wezen zich nu heel snel over het (oneindige in zijn ogen) touw beweegt, zal hij last krijgen van 2-dimensionale centrifugaalkracht. Het wezen merkt er zelf niets van, want hij is slecht 1-dimensionaal. Maar er zal een punt komen, als dat wezen maar hard genoeg gaat, dat hij van het touw afvliegt. Hij bevindt zich nu in een 2-dimensionale wereld die hij zelf niet kent, dus een 2e 1-dimensionaal universum wat zogenaamd parallel aan zijn eigen universum bestaat. Hij ziet namelijk alleen de baan die hij zelf aflegd. Uiteindelijk als hij weer langzamer gaat komt hij weer op zijn eigen touw uit en zal vrolijk verder leven. Of dat laatste ook gebeurd (dat hij weer terugkomt) is nog maar de vraag...
Zo zou het ook kunnen zijn met ons universum: als we maar hard genoeg gaan (lichtsnelheid bijvoorbeeld) dan vliegen we uit de kromming van de 4e dimensie en zullen we in een "ander 3-dimensionaal" universum komen, simpelweg omdat we uit de kromming van de 4e dimensie zijn gevlogen. We zien dan alleen de 3 dimensies waar we ons in bevinden en de rest bestaat op dat moment in onze ogen niet.
wat vinden jullie ervan?
Stel je hebt een 1-dimensionaal wezen dat in een 1-dimensionaal universum leeft. Stel dit universum voor als een recht touw. Het wezen kan alleen vooruit of achteruit bewegen over het touw. Dit touw heeft een begin en een einde.
Als je nu in de 2e dimensie dat touw kromt zodat het een circel is, heeft het touw nog steeds een begin en een einde, maar die zijn onzichtbaar geworden. Het wezen zal nu denken dat zijn universum oneindig groot is (als dit universum maar groot genoeg is, anders kan hij herhalingen detecteren).
Stel je hebt een 2-dimensionaal wezen dat in een 2-dimensionaal univerum leeft. Stel dit universum voor als een papiertje. Het wezen kan vooruit, achter, links en rechts bewegen over het papiertje. Ook dit papiertje heeft 4 randen waarna het ophoudt.
Als je nu in de 3e dimensie dat papiertje kromt, zodat het een bol is, heeft het papiertje nog steeds randen, maar die zijn onzichtbaar geworden. Het wezen zal nu denken dat zijn universum oneindig groot is.
Er kunnen echter ongeregeldheden voorkomen in de bol, maar als je het ene stukje oprekt en het andere inkrimpt, is er niets aan de hand. Totdat een wezen gaat proberen om via 2 wegen van A naar B te gaan (in zijn denkbeeldig recht vlak). Over een bol zijn deze afstanden gelijk, dus de tijd die het nodig heeft ook. Als je de bol weer uitklapt zal de ene weg een rechte lijn zijn, en de 2e weg een boog. Maar een 2-dimensionale Einstein heeft daar een leuke theorie voor en alles klopt weer. Dit gaat trouwes alleen op voor hele grote afstanden, dus van de ene kant van de bol naar de andere, waarbij op de bol allebei de wegen even lang zijn.
Stel je hebt een 3-dimensinaal wezen (de mens bijvoorbeeld) dat in een 3-dimensionaal universum leeft. Als ons universum in een 4e dimensie gekromd is, kan het lijken alsof ons universum 3-dimensionaal is, en oneindig, maar in werkelijkheid is dat dus niet.
Nu is er een 3-dimensionale Einstein die ook weer een leuke theorie heeft verzonnen voor alle ongeregeldheden die zich voordoen bij hele grote en snelle verplaatsingen en alles klopt weer.
Zo kan je de tijd ook opvatten als een x-de dimensie. Tijd is 1-dimensionaal, je kan alleen voor en achteruit (alleen kunnen wij nog niet achteruit). Tijd kan je weer zien als een touw. Stel in de (x+1)-de dimensie is de tijd gekromd naar een circel, niemand zal het merken en tijd is oneindig, zonder begin en einde. Als nu in die (x+1)-de dimensie het begin en het einde van tijd zo aan elkaar geplakt zijn dat het een vloeiende overgang is, valt het al helemaal niet meer op. Alles blijft zich dus steeds herhalen.
Maar een aardig puntje:
Als dat 1-dimensionale wezen zich nu heel snel over het (oneindige in zijn ogen) touw beweegt, zal hij last krijgen van 2-dimensionale centrifugaalkracht. Het wezen merkt er zelf niets van, want hij is slecht 1-dimensionaal. Maar er zal een punt komen, als dat wezen maar hard genoeg gaat, dat hij van het touw afvliegt. Hij bevindt zich nu in een 2-dimensionale wereld die hij zelf niet kent, dus een 2e 1-dimensionaal universum wat zogenaamd parallel aan zijn eigen universum bestaat. Hij ziet namelijk alleen de baan die hij zelf aflegd. Uiteindelijk als hij weer langzamer gaat komt hij weer op zijn eigen touw uit en zal vrolijk verder leven. Of dat laatste ook gebeurd (dat hij weer terugkomt) is nog maar de vraag...
Zo zou het ook kunnen zijn met ons universum: als we maar hard genoeg gaan (lichtsnelheid bijvoorbeeld) dan vliegen we uit de kromming van de 4e dimensie en zullen we in een "ander 3-dimensionaal" universum komen, simpelweg omdat we uit de kromming van de 4e dimensie zijn gevlogen. We zien dan alleen de 3 dimensies waar we ons in bevinden en de rest bestaat op dat moment in onze ogen niet.
wat vinden jullie ervan?