Ik heb een nogal rekenintensief programmaatje geschreven en laat die een flinke tijd runnen om tot een antwoord te kunnen komen (> 2 uur). Het programma loopt vanuit een shell-script, en wordt daar gewoon standaard aangeroepen: ./programma parameters. Bij sommige tests, de wat heftigere, loopt het programma een tijd en wordt dan ineens afgebroken met de melding 'killed <pid>'. De tijd waarop het wordt afgebroken is afhankelijk van de inputfile. Verder is er geen info.
Weet iemand waarom dit gebeurt? Neemt-ie dan teveel geheugenruimte in beslag? Hij schrijft een outputfile die een paar honderd MB is, de schijfruimte begint wel vol te raken maar is dat dan nog lang niet. Ik run 'm vanuit een shellscript omdat ik er niet bij wil blijven wachten dus hoeveel geheugen er precies in gebruik is op het moment dat het programma gekilled wordt weet ik ook niet. Wel dat het continue zo'n 99% cpu-belasting is.
Ik gebruik Slackware 10.2, 2.6.14-kernel (geloof ik, iig 2.6.1x)
Weet iemand waarom dit gebeurt? Neemt-ie dan teveel geheugenruimte in beslag? Hij schrijft een outputfile die een paar honderd MB is, de schijfruimte begint wel vol te raken maar is dat dan nog lang niet. Ik run 'm vanuit een shellscript omdat ik er niet bij wil blijven wachten dus hoeveel geheugen er precies in gebruik is op het moment dat het programma gekilled wordt weet ik ook niet. Wel dat het continue zo'n 99% cpu-belasting is.
Ik gebruik Slackware 10.2, 2.6.14-kernel (geloof ik, iig 2.6.1x)