Toon posts:

Goede wetenschap

Pagina: 1
Acties:
  • 137 views sinds 30-01-2008
  • Reageer

Verwijderd

Topicstarter
Nadat in talloze topics geruzied is over de vraag of theorie X wetenschappelijk is, bij deze eens een topic waarin ik de vraag wil beantwoorden: wat is goede wetenschap. Aangezien een groot deel van dit topic niet verder komt dan Popper en een ander groot deel helemaal geen idee heeft, lijkt het me eens hoog tijd wat meer aandacht aan dit onderwerp te besteden.

Indien mogelijk wil ik in dit topic de vraag "wat is wetenschap" vermijden, omdat die vraag ons direct een postmodern moeras inleidt waarvan ik vrees dat we er niet meer uit komen. Echter, ik weet niet of het mogelijk is de vraag te beantwoorden wat goede wetenschap is zonder te weten wat wetenschap is, en of ik hiermee niet automatisch een bias richting pragmatisme introduceer. Aan de andere kant gaat het me ook voornamelijk om een antwoord dat toepasbaar is binnen discussies hier op W&L, waarmee enig pragmatisme nauwelijks een bezwaar is.

Over de vraag wat goede wetenschap is, is vanuit de wetenschapsfilosofie al veel geschreven. Onder andere de logisch-positivisten (verificatie) en Karl Popper (falsificatie) hebben manieren gegeven om wetenschappelijke theorieen te kunnen beoordelen. Kuhn ging tegen beide in door te wijzen op een bias veroorzaakt door interpretatie van metingen binnen een paradigma, maar in ieder geval in de exacte wetenschappen gaat zijn paradigmatheorie slechts zeer beperkt op. En dan is er nog een pragmatische benadering: een theorie moet beoordeeld worden op basis van de accuraatheid van haar voorspellingen of haar praktisch/technologische toepasbaarheid.

Allereerst de discussie over falsificeerbaarheid, dat op W&L nog wel eens als het ultieme criterium voor goede wetenschap geponeerd wordt. Falsificeerbaarheid als criterium lijkt me niet ter discussie staan. Gebruik makende van het pragmatische principe heeft een theorie die op geen enkele manier falsificeerbaar is, nul voorspellende of praktische waarde, omdat voor elke voorspelling ook een daarmee conflicterende voorspelling gedaan moet kunnen worden op basis van die theorie (immers, anders zou je de theorie op basis van een vergelijk van die voorspelling met de uitkomst van een experiment kunnen falsificeren). Hiermee is de toepasbaarheid van het falsificatieprincipe binnen de exacte wertenschap echter ook meteen erg gelimiteerd, want op wat conspiracy- en andere crackpottheorieen na zijn er slechts zeer weinig theorieen op geen enkele manier te falsificeren zijn. Een theorie kan prima falsificeerbaar zijn en toch onjuist, omdat het onredelijk is te verwachten van die theorie dat alle mogelijk denkbare falsificatie-experimenten uitvoerbaar zijn.

Er is dus meer nodig. maar wat? Verificatie? Verguisd door Popper en door Kuhn heeft verificatie het probleem dat een observatie vele theorieen kan ondersteunen afhankelijk van de interpretatie van die observatie, en dat daardoor het kunnen verklaren van een meting vanuit een theorie weinig zegt over de waarde van die theorie. Toch is verificatie niet dood, integendeel. Uiteindelijk is het doen van correcte voorspellingen op basis van een theorie een vorm van verificatie. Weer vanuit pragmatisch oogpunt, wanneer vele onafhankelijke metingen een theorie ondersteunen, is het voorspellende gehalte van die theorie groot en is het dus een nuttige theorie. In dit model is paradigmabias een minder groot probleem, omdat het objectief te bepalen valt hoe goed een theorie voorspellingen doet (simpelweg door met behulp van statistiek de afwijking van die voorspellingen ten opzichte van metingen te bepalen) en daarmee dus een objectieve basis voor een vergelijking tussen theorieen beschikbaar komt. Maar wat als twee elkaar tegensprekende theorieen elk op een verschillend gebied goede voorspellingen doen? Elk van beide maar op hun deelgebied gebruiken en verder niet moeilijk doen?

Wat is jullie visie op wat goede wetenschap is?

  • Christiaan
  • Registratie: Maart 2001
  • Laatst online: 09-08-2021
Morgen reageer ik wat uitgebreider, maar dit wilde ik alvast even tikken:

Binnen de psychologie is falsificatie wel een voorwaarde voor een goede theorie, net als binnen elke andere tak van de wetenschap, maar het aantonen dat een effect dat verwacht wordt *niet* optreed betekent niet dat de theorie ook direct gefalsificeerd is. Het is nu eenmaal zo dat de meeste psychologische theorieen, zelfs de alom erkende varianten, niet kunnen worden gerepliceerd. Dat is vooral het gevolg van de brei aan variabelen waar je rekening mee zou moeten houden. Verificatie is binnen de psychologie dus belangrijker. Van echt falsificeren kun je in de psychologie eigenlijk niet spreken. Tenzij je zou bewijzen dat een theorie logisch gezien niet klopt.

[ Voor 11% gewijzigd door Christiaan op 13-06-2006 01:11 ]


  • ValHallASW
  • Registratie: Februari 2003
  • Niet online
http://nl.wikipedia.org/wiki/Falsificatie
Falsificatie betekent niet dat de theorie verworpen moet worden, maar dat er criteria zijn waarmee de theorie verworpen kan worden - het is dus prima te verenigen met je pragmatische principe.

Voordat je aan deze discussie begint moet je alleen nog één ding definieren: wetenschap. Definieer je wetenschap als een complex van theorieen, een onderzoeksmethode, etc?

  • Christiaan
  • Registratie: Maart 2001
  • Laatst online: 09-08-2021
ValHallASW schreef op dinsdag 13 juni 2006 @ 01:16:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Falsificatie
Falsificatie betekent niet dat de theorie verworpen moet worden, maar dat er criteria zijn waarmee de theorie verworpen kan worden - het is dus prima te verenigen met je pragmatische principe.
Ik denk dat Popper het wat breder bedoelde dan alleen het idee dat een theorie (in theorie, hehe) te falsificeren is. Popper voorzag een wetenschap waarin wetenschappers zouden proberen elkaars theorieen ook daadwerkelijk te falsificeren. Binnen de meer exacte wetenschappen is falsificatie meestal een goede methode. De theorieen zijn vrij 'mechanisch' en beschrijven duidelijk hoe variabelen moeten interacteren. Als ze anders interacteren klopt de theorie niet. Bij veel zachte wetenschappen is dat veel moeilijker, aangezien de meeste variabelen niet zo goed te isoleren of te observeren zijn. Op zich zie je dit wel op andere gebieden, aangezien je ook binnen de psychologie hypothesen probeert te verwerpen in plaats van ze probeert te bewijzen.

[ Voor 12% gewijzigd door Christiaan op 13-06-2006 01:23 ]


  • Confusion
  • Registratie: April 2001
  • Laatst online: 01-03-2024

Confusion

Fallen from grace

Hoewel Victor niet zo'n fan van het boek is, zal ik denk ik vanavond even wat stukjes uit 'What is this thing called science' citeren. Victor vragen in dit topic te reageren lijkt me trouwens ook een goed idee. :)

Wie trösten wir uns, die Mörder aller Mörder?


  • Avalanchez
  • Registratie: Juni 2002
  • Laatst online: 25-06-2012

Avalanchez

Phr34k

Als ik mijn visie op goede wetenschap even samenvat, kijk ik toch vooral naar dé grote doorbraken: beginselen der wiskunde/natuurfilosofie door Plato/Euclides/Archimedes/Pythagoras, klassieke mechanica door Newton/Hamilton, elektromagnetisme door Maxwell/Gibbs, relativiteit door Einstein/Hilbert, quantummechanica door Planck/Einstein/Heisenberg/Schrödinger/Dirac/Feynman...

Onnodig te zeggen dat deze mensen met hun theorieën de wetenschap (bijna letterlijk) naar de maan hebben geschoten. Dit noem ik 'goede' wetenschap. Ze helpen ons 'getting the big picture', de onderliggende samenhang die de werkelijkheid aan ons manifesteert.

Een theorie moet sowieso dingen nauwkeuriger dan huidige theorieën, en nieuwe dingen kunnen voorspellen. Dan is het een kwestie van tijd eer deze ingeburgerd raakt bij de oude garde. Dit is wetenschap.
Goede wetenschap daarentegen zet ineens een hele tak uit haar vakgebied in een nieuw daglicht, gaat uit van totaal andere principes, kan zelfs volledig tegen de oude theorieën in gaan.

Nu kan deze 'goede' wetenschap natuurlijk niet blijken overeen te komen met de werkelijkheid, maar het punt is net dat men getracht heeft uit het kader van de oude gedachtengang te stappen, men heeft even getranscendeerd naar een hoger (meta-)niveau. En dit is (volgens mij) een enorm moeilijke taak, aangezien meeste mensen enkel 'conventioneel' kunnen denken (waar zat Planck met zijn gedachten toen hij erop kwam energie te kwantiseren?). Een goed wetenschapper vertoont dus zeker het 'overstijgingskenmerk'.

Overigens denk ik toch wel dat het hele boeltje wetenschap (ik ga mij hier enkel uitspreken over natuurwetenschappen) stilletjesaan convergeert naar de Werkelijkheid, m.a.w., onze theorieën blijken steeds nauwkeuriger met de natuur te kloppen. Maar dit kan ik nauwelijks een kenmerk van goede wetenschap noemen, aangezien je hierover slechts a posteriori kan twisten.

Computers are stupid, they can only give you answers. -Picasso


  • Christiaan
  • Registratie: Maart 2001
  • Laatst online: 09-08-2021
Avalanchez schreef op dinsdag 13 juni 2006 @ 11:14:
Overigens denk ik toch wel dat het hele boeltje wetenschap (ik ga mij hier enkel uitspreken over natuurwetenschappen) stilletjesaan convergeert naar de Werkelijkheid, m.a.w., onze theorieën blijken steeds nauwkeuriger met de natuur te kloppen. Maar dit kan ik nauwelijks een kenmerk van goede wetenschap noemen, aangezien je hierover slechts a posteriori kan twisten.
Ik vraag me af of je echt kunt spreken van convergentie. Het sluit aan bij wat wel eens 'celebrating the present' wordt genoemd; het idee dat we op dit moment qua wetenschappelijke kennis verder zijn dan - zeg - 50 jaar geleden. Dit veronderstelt een soort lineaire groei (of in elk geval een toenemende groei) van kennis, terwijl je dat volgens mij helemaal niet zo eenvoudig kunt stellen. Als ik binnen mijn eigen vakgebied blijf (psychologie) word ik triest van de hoeveelheid 'kennis' die verloren is gegaan. Vroeger hadden we grote allesomvattende theorieen, van Freud bijvoorbeeld. Die bleken niet te kloppen, wat resulteerde in nieuwe - meer specifieke - theorieen. Toen die niet bleken te kloppen werden ze nog specifieker. Het gevolg is dat er nu zo vreselijk veel theorietjes zijn dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Bovendien worden enigszins hogere theorieen (zoals wat voor type leider het beste werkt) helemaal kapot genuanceerd. Dan moet je dus niet alleen letten op leiderschapskwaliteiten, maar ook op de aarde van de organisatie, de aard van de mensen, de aard van het werk, enzovoorts. De toename in de variabelen waar je naar kijkt neemt haast exponentieel toe, en dat is eigenlijk niet wat wetenschap zou moeten doen. Dit demonstreet de desillusie binnen dit gebied, aangezien men steeds meer ontdekt dat menselijk gedrag zeer slecht te beschrijven is met simpele modelletjes. Daarom wordt tegenwoordig gegrepen naar zeer zware simulaties en statistische methoden die alleen met computers uit kunnen worden gevoerd. Daarmee wordt zo geleund op vage aannamen over hoe die methoden werken, dat dit weer allemaal andere problemen oplevert. Zo volg ik op dit moment een vak dat multilevel analyse heet, en waarbij min of meer wordt veronderstelt dat het gros van de conclusies van voorgaand psychologisch onderzoek berust op het verkeerde gebruik van statistische methoden. Je kunt er op wachten tot ook MLA wegvalt, aangezien het een aantal rare aannames doet over menselijk gedrag. Zo veronderstelt het bijvoorbeeld lineaire verbanden, terwijl me dat nogal stug lijkt. Uiteindelijk komen er nog krachtigere methoden die dat ook niet meer veronderstellen, met gevolg dat allerlei kennis die nu met MLA wordt gegenereerd dan op losse schroeven staat. Zo blijft het gaan.

Daarom kan ik iig binnen de psychologie niet van 'toename' van kennis spreken. In elk geval niet van 'efficiente' toename (ik ben me bewust van de lading van dat woord), aangezien er nu zoveel kennis is dat het overzicht verloren is (waardoor het amper nog kennis genoemd kan worden). Over andere vakgebieden weet ik inhoudelijk minder, maar het lijkt me er daar niet noodzakelijk anders aan toe te gaan.

[ Voor 30% gewijzigd door Christiaan op 13-06-2006 11:43 ]


  • Avalanchez
  • Registratie: Juni 2002
  • Laatst online: 25-06-2012

Avalanchez

Phr34k

Christiaan schreef op dinsdag 13 juni 2006 @ 11:35:
[...]


Ik vraag me af of je echt kunt spreken van convergentie. Het sluit aan bij wat wel eens 'celebrating the present' wordt genoemd; het idee dat we op dit moment qua wetenschappelijke kennis verder zijn dan - zeg - 50 jaar geleden. Dit veronderstelt een soort lineaire groei (of in elk geval een toenemende groei) van kennis, terwijl je dat volgens mij helemaal niet zo eenvoudig kunt stellen. Als ik binnen mijn eigen vakgebied blijf (psychologie) word ik triest van de hoeveelheid 'kennis' die verloren is gegaan. Vroeger hadden we grote allesomvattende theorieen, van Freud bijvoorbeeld. Die bleken niet te kloppen, wat resulteerde in nieuwe - meer specifieke - theorieen. Toen die niet bleken te kloppen werden ze nog specifieker. Het gevolg is dat er nu zo vreselijk veel theorietjes zijn dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Bovendien worden enigszins hogere theorieen (zoals wat voor type leider het beste werkt) helemaal kapot genuanceerd. Dan moet je dus niet alleen letten op leiderschapskwaliteiten, maar ook op de aarde van de organisatie, de aard van de mensen, de aard van het werk, enzovoorts. De toename in de variabelen waar je naar kijkt neemt haast exponentieel toe, en dat is eigenlijk niet wat wetenschap zou moeten doen. Dit demonstreet de desillusie binnen dit gebied, aangezien men steeds meer ontdekt dat menselijk gedrag zeer slecht te beschrijven is met simpele modelletjes. Daarom wordt tegenwoordig gegrepen naar zeer zware simulaties en statistische methoden die alleen met computers uit kunnen worden gevoerd. Daarmee wordt zo geleund op vage aannamen over hoe die methoden werken, dat dit weer allemaal andere problemen oplevert. Zo volg ik op dit moment een vak dat multilevel analyse heet, en waarbij min of meer wordt veronderstelt dat het gros van de conclusies van voorgaand psychologisch onderzoek berust op het verkeerde gebruik van statistische methoden. Je kunt er op wachten tot ook MLA wegvalt, aangezien het een aantal rare aannames doet over menselijk gedrag. Zo veronderstelt het bijvoorbeeld lineaire verbanden, terwijl me dat nogal stug lijkt. Uiteindelijk komen er nog krachtigere methoden die dat ook niet meer veronderstellen, met gevolg dat allerlei kennis die nu met MLA wordt gegenereerd dan op losse schroeven staat. Zo blijft het gaan.

Daarom kan ik iig binnen de psychologie niet van 'toename' van kennis spreken. In elk geval niet van 'efficiente' toename (ik ben me bewust van de lading van dat woord), aangezien er nu zoveel kennis is dat het overzicht verloren is (waardoor het amper nog kennis genoemd kan worden). Over andere vakgebieden weet ik inhoudelijk minder, maar het lijkt me er daar niet noodzakelijk anders aan toe te gaan.
Ik ben het niet oneens met je, al kan ik (jammergenoeg) niet buiten mijn vakgebied (natuurwetenschappen) treden. De groei aan wetenschappelijke kennis staat wel al eens synoniem met de groei aan theorieën, die aan elkaar gepatched worden, en dus synoniem met groei aan variabelen, complexiteit.
Dit is uiteraard wetenschap, en zoals ik al in mijn vorige post liet blijken, noem ik dit niet per se goede wetenschap.

Bv. speciale relativiteit ter vervanging van newtoniaanse mechanica bij (v/c ~ 1) is (qua variabelen) nauwelijks een complexere theorie te noemen. Sommige (ok, meeste) mensen vinden enkel de wijziging in denkpatroon complex. Hoe vertrouwder ze echter raken met deze theorie, hoe makkelijker deze theorie wordt.
Dit geldt (in mijn mening) overigens voor al de goede wetenschap die ik in mijn vorige post aanprees.

Ik denk er trouwens ook zo over: over een lange tijd (1 à 2 eeuwen) convergeert de wetenschap naar de Werkelijkheid zonder complexer te worden (die grote doorbraken).
Op kortere tijd (de periode tussen die doorbraken, bv decennia), worden die theorieën telkens opgedeeld in subdisciplines (net zoals 300 jaar geleden, de Newtoniaanse mechanica, geformuleerd in de Euler-Lagrangedynamica, hoewel deze niet zoveel complexer werd), die wel eens complexer van aard dreigen te worden. Maar ik heb er goede hoop op dat deze uiteindelijk wel weer vervangen zullen worden door zo'n doorbraak over een paar decennia (in de natuurwetenschappen).

Computers are stupid, they can only give you answers. -Picasso


  • Salvatron
  • Registratie: April 2003
  • Niet online

Salvatron

Dispereert niet

Verwijderd schreef op dinsdag 13 juni 2006 @ 00:22:
Onder andere de logisch-positivisten (verificatie) en Karl Popper (falsificatie) hebben manieren gegeven om wetenschappelijke theorieen te kunnen beoordelen. Kuhn ging tegen beide in door te wijzen op een bias veroorzaakt door interpretatie van metingen binnen een paradigma, maar in ieder geval in de exacte wetenschappen gaat zijn paradigmatheorie slechts zeer beperkt op.
De paradigmatheorie van Kuhn slaat er volgens mij op dat woorden van betekenis veranderen wanneer een theorie verandert. De gedachte erachter is dat woorden de betekenis hebben die eraan gegeven wordt door de achterliggende theorie, en als de theorie verandert dan verandert de betekenis van woorden ook. Een gedachte die binnen de wetenschapsfilosofie wordt aangeduid met "Duhem-Quine"-stelling, die Kuhn volgens sommigen met zijn boek "The structure of scientific revolutions" van een geschiedkundige onderbouwing zou hebben voorzien. Daarnaast zou de filosoof Foucoult met zijn boek "Les Mots et les Choses" een visie hebben gepresenteerd die enige gelijkenissen zou vertonen met Kuhns boek, maar waar Kuhn zijn boek heeft gebaseerd op de natuurwetenschap schijnt Foucoult zijn boek te hebben gebaseerd op de geesteswetenschappen. Kuhns paradigmatheorie slaat er dus op dat het wereldbeeld verandert naarmate theorievorming verandert, een logische aanname waarvan ik niet in zie dat die beperkt opgaat.
Neem bijv. de zon: vroeger was men geloof ik van mening dat er in de zon koolstof werd verbrand. En toen kwam men op de gedachte van atoomkernen en concludeerde men dat er in de zon kernfusie plaatsvond. Je ziet in dit voorbeeld dus dat de werkelijkheid wordt gezien vanuit de achterliggende theorie: men kon niet zeggen dat er kernfusie in de zon plaatsvond zolang men daar nog geen theorie over had.
Daarom begrijp ik niet waarom de paradigmatheorie van Kuhn beperkt op zou gaan.
Toch is verificatie niet dood, integendeel. Uiteindelijk is het doen van correcte voorspellingen op basis van een theorie een vorm van verificatie.
In principe is dat geen verificatie in die zin dat het waarheidsgehalte van de theorie wordt geverifieerd, maar is het zo dat een theorie niet gefalsificeerd wordt zolang ie correcte voorspellingen doet. Zolang de theorie juiste voorspellingen doet, is ie dus geconfirmeerd. Dus deze vorm van verificatie heet confirmatie.

Lucht en leegte, zegt Prediker, alles is leegte.


  • Christiaan
  • Registratie: Maart 2001
  • Laatst online: 09-08-2021
bacterie schreef op dinsdag 13 juni 2006 @ 13:37:
Dus deze vorm van verificatie heet confirmatie.
Welke andere vormen van verificatie zijn dan mogelijk?

  • Salvatron
  • Registratie: April 2003
  • Niet online

Salvatron

Dispereert niet

Christiaan schreef op dinsdag 13 juni 2006 @ 15:05:
Welke andere vormen van verificatie zijn dan mogelijk?
Ik bedoelde eigenlijk dat verificatie in Poppers filosofie corroboratiegraad heet. Hoe meer een theorie wordt geverifieerd hoe hoger de corroboratiegraad. Maar dit is eigenlijk niet dezelfde vorm van verifiëren zoals de Wiener Kreis dat veronderstelde voordat Popper er kwam. Want de Wiener Kreis had verificatie van een theorie als criterium, terwijl Popper falsificatie als criterium had. Daarom heet Poppers wijze van verificatie dus: corroboratie, om het onderscheid te maken tussen de verificatie van de Wiener Kreis, en de verificatie (=corroboratie) van Popper. Echter weet ik dit niet zeker want ik ben geen expert, maar voor zover ik me kan herinneren was het zo ongeveer.

Lucht en leegte, zegt Prediker, alles is leegte.


  • Opi
  • Registratie: Maart 2002
  • Niet online

Opi

Falsificatie is een zwakker criterium dan verificatie; bij falsificatie lijkt er vanuit gegaan te worden dat een theorie waar is, mits het tegendeel bewezen wordt, terwijl bij verificatie eerst actief een (geringe) hoeveelheid bewijs vergaard dient te zijn.
Verwijderd schreef op dinsdag 13 juni 2006 @ 00:22:
Maar wat als twee elkaar tegensprekende theorieen elk op een verschillend gebied goede voorspellingen doen?
Wanneer twee theorieën strijdig zijn, dan bevat minstens een van de theorieën mijns inziens een of meerdere blackboxes; men weet dat a tot b leidt in het toepasbaarheidsgebied, maar men weet niet waarom dat het geval is.
Wat is jullie visie op wat goede wetenschap is?
Het lijkt me dat er een streven zou moeten zijn om de 'waarom'-vraag te beantwoorden, in plaats van de 'hoe'-vraag.

@Confusion; ik wacht vol spanning op je citaten. :)

  • Salvatron
  • Registratie: April 2003
  • Niet online

Salvatron

Dispereert niet

Opi schreef op donderdag 15 juni 2006 @ 14:07:
Falsificatie is een zwakker criterium dan verificatie; bij falsificatie lijkt er vanuit gegaan te worden dat een theorie waar is, mits het tegendeel bewezen wordt, terwijl bij verificatie eerst actief een (geringe) hoeveelheid bewijs vergaard dient te zijn.
Ik denk dat het falsificatiecriterium van Popper betrekking heeft op het bruikbaarheidsgehalte en niet op het waarheidsgehalte van een theorie. Poppers intentie was neem ik aan om een criterium te bedenken dat onderscheid maakt tussen een theorie waar empirische uitspraken over gedaan kunnen worden en een theorie waarover geen empirische uitspraken gedaan kunnen worden. Een theorie waarover empirische uitspraken gedaan kunnen worden is bruikbaar, een theorie waarover die niet gedaan kunnen worden is onbruikbaar. Het falsificatiecriterium is imho dus een bruikbaarheidscriterium.

Lucht en leegte, zegt Prediker, alles is leegte.


  • Christiaan
  • Registratie: Maart 2001
  • Laatst online: 09-08-2021
bacterie schreef op donderdag 15 juni 2006 @ 15:24:
Een theorie waarover empirische uitspraken gedaan kunnen worden is bruikbaar, een theorie waarover die niet gedaan kunnen worden is onbruikbaar. Het falsificatiecriterium is imho dus een bruikbaarheidscriterium.
Volgens mij geldt hetzelfde voor elke wetenschappelijke theorie. Bij verificationisme is het primaire criterium dat een theorie toetsbare uitspraken doet. Bij falsificationisme is het primaire criterium dat de mogelijkheid bestaat om te bewijzen dat een bepaalde aanname of voorspelling van het model niet klopt.

  • Christiaan
  • Registratie: Maart 2001
  • Laatst online: 09-08-2021
Ik had gisteren trouwens een aardig gesprek met een statisticus op de universiteit. Hij vroeg me waarom ik niet een researchmaster ga doen (waarbij je dus veel met statistiek te maken krijgt), waarop ik antwoorde dat ik nogal gedesillusioneerd ben in statistiek. Hij lachte en antwoorde dat dat bij hem niet anders was. Hij vond alleen dat je op een bepaald moment maar gewoon met de riemen moet roeien die je hebt. Daarom was hij blij dat hij statisticus was, en maar met de cijfertjes hoefde te stoeien en niet die theorieen ook daadwerkelijk toe hoefde te passen in de praktijk. Dat, zij het ietwat off-topic, is dus geen goede wetenschap. Je moet kunnen vertrouwen op de fundamenten, zij dat statistiek, wiskunde, enz. Als je dat niet kunt, hoe weet je dan ooit of iets in de buurt van de 'waarheid' komt?

  • Avalanchez
  • Registratie: Juni 2002
  • Laatst online: 25-06-2012

Avalanchez

Phr34k

Christiaan schreef op donderdag 15 juni 2006 @ 18:02:
...
Dat, zij het ietwat off-topic, is dus geen goede wetenschap. Je moet kunnen vertrouwen op de fundamenten, zij dat statistiek, wiskunde, enz. Als je dat niet kunt, hoe weet je dan ooit of iets in de buurt van de 'waarheid' komt?
De 'waarheid', kan men toch al aardig benaderen via wetenschap natuurkunde (aangezien ik quasi niets ken van alfa-/gammawetenschappen)? Hiermee bedoel ik de empirische voorspellingen, niet het denkkader. De natuur hoeft ook niet uit dingen zoals 'atomen' en 'ruimtetijdkrommingen' bestaan. Dat is gewoon ons werkmiddeltje, waarmee we de dingen kunnen begrijpen die zich rondom ons afspelen. Maar het resultaat dat we bekomen lijkt er (meestal) wel aardig op, zoniet passen we dat model aan. Je moet dus onderscheid maken tussen eindresultaat en werkwijze, over eindresultaat kunnen we wel degelijk uitspraken doen (metingen, voorspellingen), werkwijze zullen we echter nooit kunnen toetsen. Ik weet niet hoe zoiets in de gammawetenschappen verloopt?

Even inpikken op die statistiek, dat lijkt mij toch niet zo off-topic. Ik keek vroeger (net zoals vele van mijn medestudenten) met een nogal scheef oog op statistiek. Het enige wat dat leek te doen is gewoon getalletjes verzamelen, en wat over gaan zeggen, voorspellingen bleken al vrij onnauwkeurig/onbetrouwbaar.
Echter, na een hoop uren quantummechanica is mijn visie hierop toch veranderd. Bv. het golfpakket, het onzekerheidsprincipe van heisenberg,... Met statistiek kan je dus echt wel interessante dingen doen, de golfmechanica van Schrödinger is er namelijk op gebaseerd. Voor andere toepassingen blijf ik het echter wel nog schuin aankijken...

Computers are stupid, they can only give you answers. -Picasso

Pagina: 1