Je vecht mijn definitie aan zonder zelf met een definitie (te willen?) komen. Ik heb nooit gepretendeerd een perfecte definitie te geven, maar jij wilt daar kennelijk wel vanuit gaan.
Dat vraag ik dus.
En het lijkt me dat ik die vraag beantwoord heb. Als ik een hamer definieer als iets waarmee ik een spijker in een muur
kan slaan, dan is er weinig te zeggen over eventueel fout gebruik van die hamer bij andere toepassingen.
Als ik een hamer definieer als iet
om een spijker in een muur te slaan zou ik eventueel vol kunnen houden dat een spijker in een plank slaan al verkeerd gebruik is.
Mijn definitie van een taal is echter analoog aan mijn eerste definitie van de hamer, dus al wil je de groots mogelijke onzin uitslaan, het lijkt mij niet dat ik kan stellen dat je een taal dan incorrect gebruikt.
Welnee, ik wilde weten of jij dat vond. Jij hebt het over dingen in de trend van 'consistente gegevensoverdracht'. Dat klinkt naar voorschriften.
Tsja, gezien jouw vragen wou je een definitie horen.
[quote]Ik vraag me af of die vraag wel beantwoord kán worden.[quote]
Dubbelzinnige vragen kunnen niet beantwoord worden. Gelukkig stelde ik hem niet.
Maar wat je probeert te bewijzen met een semantisch dubbelzinnige vraag ontgaat me.
In de praktijk zal jouw vraag oveigens geen probleem opleveren. Als jij twee mensen hoort spreken in een vreemde taal zullen ze - mits ze je vraag verstaan - zonder nadenken een antwoord geven. Als je wilt weten welke talen iemand beheerst zul je waarschijnlijk vragen welke
talen die persoon spreekt, en als je wilt weten welke taal die persoon gewoonlijk of van oorsprong bezigt zul je vragen wat zijn moedertaal is, of welke taal hij oorspronkelijk spreekt.
Het is me nog steeds niet helemaal duidelijk op welke vraag je een antwoord zocht.
Arme vingers, en je had gelijk, er zat meer in je idee dan ik aanvankelijk dacht. Maar toch heb je een competente spreker van het Grieks nodig... dat wil zeggen, je vooronderstelt iemand waarvan je kunt zeggen 'hij (of zij) spreekt Grieks'! Je 'eikt' dan als het ware je eigen taaluitingen aan de reactie van die persoon. Maar ik twijfel juist aan het bestaan van redenen waarom je van DIE persoon, van je eikpunt, zou zeggen dat hij of zij Grieks spreekt.
Nou is de praktische situatie dat ik met een volledige dubbele set aan woorden en twee werkbare sets grammaticaregels totaal niet weet wat bij welke taal hort gelukkig erg klein, anders had ik inderdaad meer dan een leven nodig om e.e.a. met enige nauwkeurigeheid vast te stellen.
Het "
ijkpunt" waarbij bepaald wordt wat een taal inhoudt, een beschrijving van die taal dus, is niet altijd nauwkeurig te definieren, maar in het geval van veel talen is er een moment geweest waarop iemand de taal beschreven heeft. Het bijhouden van die beschrijving van een taal is een continu proces, vandaar dat "het Groene boekje", de ANS en de dikke van Dale zo nu en dan herdrukt worden, veelal gebaseerd op het gebruik van de taal in een bepaald taalgebied. En ja, die beschrijving is inherent subjectief en onvolledig, maar biedt meer dan voldoende houvast om met zekerheid te kunnen vaststellen of iemand Nederlands of Engels spreekt.
Je bent er erg goed in om de specifieke eigenschappen van mijn voorbeeldjes op te sommen, maar dan lijkt je niet te beseffen dat ik juist vanwege die eigenschappen dat voorbeeldje als voorbeeldje geef, en dat ik daarmee dus een punt probeer te maken. :-)
Dus je geeft aan dat talen geen unieke grammaticaregeltjes hoeven te hebben. En je punt is?
Het lijkt me vrij duidelijk dat er grammaticaregels zijn die op meerdere talen van toepassing zijn, misschien wel volledige grammatica's. Dat doet niets af aan de werkbaarheid van mijn definitie.
En ik weet nog steeds niet hoe.
Oh en trouwens, ik wil helemaal niets definieren eigenlijk. Of althans, ik vind het een zó lastig probleem dat ik het voorlopig maar even uitstel :-).
Tsja, als jij met de woordenlijst Nederlandse taal (het groene boekje), de ANS en eventueel de dikke van Dale geen beeld krijgt van wat de Nederlandse taal nou inhoudt zou ik het even op de lange baan schuiven, ja

Het lijkt me niet meoilijk in te zien dat als alle sprekers van het Nederlands morgen uitsterven, maar die drie boeken blijven bewaard, dat de taal als entiteit nog bestaat, zelfs al hij niet meer gesproken wordt. Hij zal door de sprekers niet meer beinvloed worden, maar dat was volgens mijn definitie geen vereiste. Het is hooguit een eigenschap van een "levende" taal.
Dat is absurd.
offtopic:
Ik zou het op prijs stellen als je dergelijke "aanvullingen" iets duidelijker zou willen aangeven, ik krijg op deze manier inderdaad absurditeiten in mijn schoenen geschoven.
Esperanto is als "kunsttaal" wel degelijk beschreven voordat het gesproken werd. Als jij dat absurd vindt is dat je goed recht, maar ik kan er weinig aan doen.
Als je formele talen als computertalen erbij wilt halen (ze voldoen aan mijn definitie) dan heb ik daar niets op tegen, maar controleer dan je feiten. Er zijn overigens genoeg computertalen waarin zo goed als nooit een functioneel programma geschreven is, dus op zich onderbouwt dat mijn stelling ook.
Nou, ik was meer geinteresseerd in je argumenten eigenlijk. Wil je nog eens duidelijk en rustig uitleggen hoe het kan dat een taal én los bestaat van de sprekers (als alle sprekers dood zijn, bestaat de taal immers nog, schreef je) en tegelijkertijd door die sprekers gevormd kan worden? En dan wil ik dat je dat uitlegt zonder Ultieme Grieken of andere cirkelredeneringen, alsjeblieft

.
Jij kwam met een cirkelredenering, gebaseerd op een fictief antwoord op jouw vraag.
Het lijkt me dat er genoeg talen zonder sprekers zijn, dus dat een taal kan bestaan zonder zijn sprekers behoeft, lijkt me weinig uitleg.
Als een taal gesproken wordt zullen de sprekers in voorkomende gevallen afwijken van bepaalde regels die de taal beschrijven, terwijl ze toch voor elkaar verstaanbaar blijven (waarmee dus voldaan wordt aan mijn definitie.) Dat kan gebeuren omdat mensen grammaticaregels "vergeten", te moeilijk vinden, of onder invloed van andere talen. Ook kunnen op die manier nieuwe woorden gaan behoren tot de woordenschat van een taal (omdat een woord "mooier" klinkt of omdat het een nieuw begrip betreft waarvoor een buitenlands woord voorhanden is).
Als genoeg sprekers deze afwijkingen, aanvullingen of vernieuwingen volhouden, dan kan zo'n aanpassing worden opgenomen in de taal. De beschrijving van de taal wijzigt dus. (Een woord wordt opgenomen in het woordeboek, of de ANS vermeldt dat we geen naamvallen meer gebruiken.)
Als de veranderingen erg groot zijn kun je ook spreken van een dialect, of een andere taal.