Verwijderd schreef op vrijdag 25 februari 2005 @ 21:11:
@Vortex2
Je vergelijking met een bosgeest gaat niet op. . . .
Het huidige theoretische model van een zwart gat beschrijft dit object als een quarkster. . .
. . . kan in principe een oneindige massa bereiken opgebouwd uit quarks. . . Accretie van materie door de quarkster gebeurt over het algemeen niet uniform zowel in ruimtelijk als tijdelijke zin. Dit heeft tot gevolg dat een quarkster zal moeten interacteren met zijn zwaartekrachtsveld. . .
Moeten interacteren met zijn zwaartekracht veld? Dit heeft voor mij geen betekenis! Ik zie een ster niet afzonderlijk van het zwaartekrachtsveld dat een onlosmakelijk onderdeel van de ster als
manifestatie is. Jij als persoon kan ook niet met je zelf interacteren: je bestaat volgens mij niet uit afzonderlijke delen die los te koppelen zijn. Je opmerking verdient een verklaring: wat bedoel je er precies mee?
Mijn metafoor voor een ZG als een bosgeest is uiteraard niet bedoeld om een 1-op-1 verwantschap te veronderstellen. Mijn bedoeling is om een licht te laten schijnen op de menselijke behoefte voor het geven van quasi-sluitende verklaringen voor zaken welke allerminst als "waar" of "duidelijk" beschouwd kunnen worden. Je hebt dit zelf al aan de schenen van Confusion gelegd: Hoe kan iemand weten dat “xxxxx” waar is zonder er keihard bewijs voor te hebben?
Voor een ZG is er allerminst genoeg informatie om er een intern beeld van te krijgen. Of er binnen de "event horizon" al dan niet een definieerbare kern van materie bestaat blijkt vooralsnog voor niemand duidelijk te zijn. Of er sprake kan zijn van een "oppervlak" is zeker ook niet duidelijk maar hoogst waarschijnlijk niet. Dit vraagstuk is ook niet met de gebruikelijke definitie van "oppervlak" eenduidig te beantwoorden voor onze zon c.q. andere sterren( een oppervlak als een scheiding tussen gas en vloeistof of tussen gas en vaste materie, etc.). Voor een ZG is er op dit punt uiteraard een bepaalde mate van onzekerheid, maar vanuit vergelijkingen met schijnende sterren is er gemakkelijk een antwoord te geven. . . hier kom ik op terug.
Dat de massa van een ZG oneindig zou kunnen zijn is uiteraard in 100% tegenstrijd met de notie dat de massa van het universum begrensd is: zo ja dan kan een ZG fundamenteel niet een oneindige massa hebben. Ook als je stelt dat de massa van het universum oneindig groot zou zijn zou een tegenstrijdig model voor een ZG volgen als je het een oneindige massa toebedeeld . . .de massadichtheid van het deel van het universum wat we kunnen "zien" is gemiddeld juist zeer laag in plaats van oneindig groot. Een ZG binnen onze kosmische horizon kan ook geen oneindig grote massa hebben: op elke denkbare afstand van het ZG zou de gravitatiekracht op ander massa’s oneindig groot zijn en dat is uiteraard niet het geval.
Ten opzichte van de vraag welke kernstructuur een lokaal ZG zou hebben. . . eentje dat waarneembaar is zonder dat het ons als opgeslokt zou hebben en dus zeker geen oneindige massa bevat) . . . lijkt het mij dat er juist geen enkele aanleiding bestaat om te veronderstellen dat de kern van een singulariteit zou zijn. Voor een elektron, een proton, of welk elementair deeltje dan ook, zijn we al lang afgestapt van het idee dat het "bolletjes" zouden zijn met een definieerbaar oppervlak. Voor de elementaire deeltjes met meetbare massa's veronderstellen we ook niet dat de massa een singulariteit zou zijn. . .oneindige dichtheid op een dimensieloos punt. De representatie van elementaire deeltjes als
energie distributies zonder een "oppervlak" veroorzaakt geen dilemma. Voor een ZG zou een dergelijke structuur ook aangenomen kunnen worden en doelmatig zijn. De massa van een ZG hoeft helemaal niet op een punt te zitten maar kan als een ruimtelijke distributie van energie beschouwd worden.
Allerlei veronderstellingen welke in lijn zijn met de waarnemingen van externe verschijnselen kunnen als model voor een ZG gebruikt worden. . .en hier komt mijn metafoor met de bosgeest terug: externe verschijnselen welke we toeschrijven aan een "verborgen" waarheid: hoe is een bliksem in het oerwoud voor een oermens anders dan de straling welke we uit een ZG "zien" komen voor ons?
Voor zover er op dit forum uitspraken zijn welke niet "waargemaakt" kunnen worden zie ik de bosgeest metafoor als toepasselijk: we spreken ten opzichte van een ZG alleen maar vanuit de externe verschijnselen en van interne modellen en wat er achter de event horizon schuilt is nog steeds een geheim dat we willen ontrafelen. Er behoren over deze zaken geen uitspraken gemaakt te worden alsof het reeds feiten zouden zijn.
Nu wat wetenschap en brainstorming: De formule voor gravitatiekracht
Fg=Gm1m2/R^2
wordt zonder meer als uitermate
functioneel aanvaard. Dat is, dat binnen de grenzen waarvoor het bedoeld is het juiste antwoorden geeft voor gravitatiekrachten. Als ik op een slordig moment de radius R=0 in de formule gooit krijg ik een singulariteit en voor het antwoord voor Fg krijg ik een oneindige kracht. De stelling dat een dergelijk antwoord niet juist is zal geen kritiek krijgen maar een golf van "verklaringen" ontketenen dat ik de fout gemaakt zou hebben om twee massa’s op 1 punt te veronderstellen. . .en dat zou kennelijk niet "kunnen".
Ik kan uiteraard deze "verklaringen" gemakkelijk de grond in boren door te zeggen dat twee massa's hun centers wel degelijk op 1 punt kunnen hebben: er zijn oneindig veel voorbeelden te bedenken waarvoor dit wel zo is: om te beginnen een conventionele sferische schil, opgemaakt uit een vaste stof, dan wel uit een gas, met daarbinnen een afzonderlijke bol van materie. Dergelijke voorbeelden kan je eindeloos variëren met allerlei massastructuren welke allemaal hun massa center op 1 punt hebben. In geen van deze voorbeelden zal er een oneindig grote gravitatiekracht ontstaan. Een antwoord met
Fg=oneindig is dus fout voor een geheel andere eenvoudige reden welke geen uitweiding nodig heeft. Het gebruik van een “foute” formule is niets bijzonders in de wetenschap. . . .ook niet in engineering.
Vervolgens kunnen we structuren bedenken waarin de massa's
energiestructuren zijn in plaats van vaste stoffen: elementaire deeltje welke heden tendage als "lege ruimte" beschouwd worden. Ik heb geen enkele moeite om twee lege ruimten op 1 punt te lokaliseren: men neme twee elementaire deeltjes. . .even niet ons hoofd breken over welke "handvaten" op die deeltjes we gaan gebruiken. . . en we plaatsen deze "lege ruimten" op 1 punt. Een analogie hiervoor kan je bedenken als een wolkje lucht: de O2 en N2 moleculen hebben een gezamenlijk massa center op het zelfde punt! Ook hier ontstaan er geen oneindig grote gravitatiekrachten tussen de twee wolkjes terwijl de massacenter afstand R=0 van toepassing is. Het zelfde argument is uiteraard geldig voor alle massadeeltjes waaruit de aarde is opgebouwd: op de positie R=0 is de gravitatiekracht Fg=0 van toeppassing omdat er op die locatie een [b]geheel ander formule voor gravitatiekrachten van toepassing is.
Om antwoorden over vragen wat er binnen een ZG van toepassing zou kunnen zijn te kunnen geven moet je dus in eerste instantie een
juiste voorstelling van de geldende fysica binnen een ZG kunnen formuleren. Dat de massa van een ZG een singulariteit zou zijn lijkt mij een zeer onjuiste voorstelling van zaken waarvoor geen enkel bewijs bestaat en het lijkt mij ook een regelrechte contradictie vanuit andere argumenten voor een "verklaring" van wat massa wezenlijk is.
Voor een instortende massa onder een gravitatiekracht wordt vaak verondersteld dat de deeltjes samengedrukt worden en op een gegeven moment "verdwijnen" in een singulariteit. Ik bestrijd dat dit een doelmatig model is. In het samenpersen van materie worden elektronen in de protonen “gedrukt” en worden het neutronen. . .we kunnen dus de massa centers van de elektronen en de protonen na de fusie gemakshalve op het zelfde punt zetten. . .ik veronderstel voor geen halve seconde dat een neutron een proton is met een elektron er binnen in, maar als MODEL zou je dat best kunnen veronderstellen: een elektronwolkje met daaromheen een protonschil!
Protonschil + Wolkje electron = Wolkje neutron
Ik heb in 40 jaar van geen enkele
suggestie gehoord (ook niet van crackpots) dat er in een neutron
oneindige krachten zouden bestaan omdat de massa centers van het elektron en de proton op 1 punt zouden zitten. Wel zijn er modellen dat een proton en een elektron een neutron kunnen vormen, en andersom ook. Het een houd het ander niet in.
Compacte neutronensterren worden heden als realiteiten beschouwd en er is geen sprake van dilemma's dat elektronen op de protonen ingestort zijn. Ook weten we dat neutronen geen massieve bolletjes zijn maar energiestructuren welke in wezen "lege ruimten" met massa zijn, waarbinnen weer andere “lege ruimten” zijn gedefinieerd die we quarks noemen en welke op hun beurt ook weer massa hebben. Nog steeds is er geen sprake van een oneindige dichtheid omdat we aan een neutronenster een definitieve afmeting toekennen. Tegelijkertijd stellen we dat een ster een plasma bol is welke per definitie geen definieerbaar
oppervlak heeft. We gaan uit van een model dat de massa van een ster (gasbol) van buitenaf geleidelijk toeneemt naar het centrum toe zonder een stap-functie welke we als een interface tussen twee aparte materiefasen kunnen definiëren. . . geen oppervlak dus. Voor een neutronenster veronderstel ik niet dat het anders zal zijn.
Als nu de ster zodanig groot is geworden dat het instort tot wat we een ZG noemen ontstaat er een fase voor "neutron merging" in het center waarin de "boundaries" van de neutronen verdwijnen en er, door gebrek aan meer informatie, misschien een brei van quarks in de kern ontstaat. . . de mogelijkheid dat er een geheel ander soort
transformatie zich afspeelt is natuurlijk niet ondenkbaar. . .de samengevoegde neutronen kunnen naar een geheel andere "toestand" overgaan waarin quarks als zodanig niet meer bestaan. . .in de zelfde zin dat een elektron in een proton "verdwijnt" en als zodanig niet meer als elektron bestaat maar eenvoudigweg een andere quark samenstelling van de proton veroorzaakt zodat er een neutron ontstaat. Ik veronderstel het echter wel zeer waarschijnlijk dat de gefuseerde c.q. geassimileerde neutronen in de kern, in het instortingsproces, geleidelijk aan overgaan naar een energievorm waarin uiteindelijk individuele "deeltjes" niet meer kenbaar zijn maar dat in de kern een zuiver
deeltjesloze energie vorm aanwezig is welke gelijkmatig is verdeeld. . . zeer vergelijkbaar met een plasmakern van een schijnende ster welke in de kern een gelijkmatig verdeelde structuur heeft, welke geleidelijk naar buiten toe van structuur veranderd en uitmondt in een ijle atmosfeer waarin gewone elementaire “deeltjes energie” zich manifesteren zoals we ze gewone deeltjes “kennen”.
Het model van een ZG vanuit deze visie bevat geen singulariteit en behoeft uiteraard geen oneindig hoge dichtheid in de kern: de “massa” van het deel van het ZG dat de kern vertegenwoordigd is dan eenvoudigweg ruimtelijk verdeeld, net zoals in het buitenste deel van het ZG dat uit deeltjes bestaat: in het centrum heerst dan een interne energieverdeling met een zeer hoge intensiteit welke we kunnen identificeren vanuit het massa-energie equivalentiemodel: de energie in het center van het zwarte gat is eenvoudigweg gelijk aan massa. Dit betekend volstrekt niet dat de elementaire deeltjes waaruit de bronster aanvankelijk bestond in een singualariteit opgeslokt zijn. Het betekend, mijn inziens, dat de deeltjes geleidelijk, naar het centrum toe, hun voor ons kenbare
deeltjes structuur verliezen en
overgaan naar een amorfe energievorm welke we van buiten af als massa “zien” c.q. waarnemen, via een aantal randverschijnselen welke ook via een rekenkundig model van een singulariteit met massa “verklaard” kunnen worden. Ik prefereer een ZG te beschouwen vanuit een bepaalde eindige distributie van energie in “lege ruimte” vanuit het idee dat dit ook een doelmatig model is voor een neutron en voor een proton zowel als voor een ster die schijnt! De kern van het ZG waarin alle neutronen zijn “opgelost” kunnen we mijn inziens beschouwen als een enkelvoudig
elementair object van een nogal substantiële omvang: net zoals de Schwarzschild Radius een abstracte grens is voor straling transport/transmissie kunnen we in de kern misschien een abstracte grens definiëren waarbinnen geen materie (deeltjes) meer aanwezig zijn maar louter energie (De Vortex Radius????. . .

). Elk dilemma dat vanuit het veronderstellen van een singulariteit ontstaat wordt hiermede van de tafel geveegd. . .dacht ik.
Het ouderwetse zwarte gat met een singulariteit, waarin alle massa opgeslokt zou zijn, is vanuit een primitieve gedachte de “bosgeest” welke ik bedoelde
[
Voor 12% gewijzigd door
Verwijderd op 27-02-2005 03:41
]